ECLI:NL:GHARL:2025:7102

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
12 november 2025
Publicatiedatum
12 november 2025
Zaaknummer
21-000340-25
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 57 SrArt. 63 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling medeplegen gewapende ripdeal met diefstal en afpersing

Verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor betrokkenheid bij een gewapende ripdeal waarbij een bestelauto met inhoud, een luxe rugtas en een sleutelbos werden buitgemaakt. De overval vond plaats op 2 maart 2024 in [pleegplaats], waarbij twee mannen met bivakmutsen en een vuurwapen het slachtoffer bedreigden en dwongen tot afgifte van goederen.

Het hof stelde vast dat verdachte niet zelf de overval uitvoerde, maar een organiserende en aansturende rol had, onder meer door het doorsturen van de locatie, het regelen van een vluchtwagen en het bewaken van de ripdeal. Verdachte was medepleger en uitlokker, wat werd ondersteund door getuigenverklaringen, camerabeelden, chatberichten en locatiegegevens.

Verdachte ontkende betrokkenheid, maar het hof verwierp zijn alternatieve scenario en achtte de verklaringen van getuige betrouwbaar. De feiten werden bewezen verklaard als diefstal met geweld en afpersing, gepleegd door meerdere verenigde personen.

De straf werd vastgesteld op 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden zoals meldplicht, ambulante behandeling, werkverplichting, schuldhulpverlening en een verbod op drugsgebruik. De tijd in voorarrest wordt in mindering gebracht.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden, voor medeplegen van een gewapende ripdeal met diefstal en afpersing.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-000340-25
Uitspraakdatum: 12 november 2025
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 15 januari 2025 met parketnummer 16-122364-24 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1998 in [geboorteplaats] ,
wonende te [adres 1] ,
op dit moment verblijvende in P.I. [verblijplaats] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 29 oktober 2025 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot vrijspraak van het onder 1 primair en subsidiair en 2 primair tenlastegelegde en tot veroordeling van verdachte voor het onder 1 meer subsidiair en 2 subsidiair tenlastegelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en met daaraan verbonden de door de reclassering geadviseerde voorwaarden. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat verdachte en zijn raadsman, mr. J.B. van Faassen, hebben aangevoerd.

Het vonnis

De rechtbank heeft verdachte voor het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en met daaraan verbonden als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, een ambulante behandelverplichting, een inspanningsverplichting om werk met een vaste structuur te vinden, het verplicht meewerken aan het aflossen van zijn schulden en aan controle op het gebruik van drugs om zijn middelengebruik te beheersen.
Het hof vernietigt het vonnis omdat in hoger beroep sprake was van een wijziging van de tenlastelegging en doet daarom opnieuw recht.

Tenlastelegging

Op de zitting in hoger beroep is de tenlastelegging gewijzigd. Aan verdachte is na deze wijziging ten laste gelegd dat:
1. primair
hij op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een bestelauto (Opel Movano met kenteken [kenteken 1] ) met inhoud, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever] en/of [naam 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n), heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [aangever] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en/of te vragen om achter verdachte(n) aan te rijden en/of
- ( vervolgens) bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en/of uit te stappen met een bivakmuts, in elk geval gezichtsbedekking, op en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd, in elk geval het lichaam, van die [aangever] te houden en/of te tonen en/of te richten en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee, uitstappen en leeg je zakken', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( vervolgens) nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en/of
- ( nogmaals) de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg', althans woorden van gelijke aard of strekking;
1.
subsidiair
hij op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van een bestelauto (Opel Movano met kenteken [kenteken 1] ) met inhoud, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of [naam 1] en/of een derde toebehoorde(n) door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en/of te vragen om achter verdachte(n) aan te rijden en/of
- ( vervolgens) bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en/of uit te stappen met een bivakmuts, in elk geval gezichtsbedekking, op en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd, in elk geval het lichaam, van die [aangever] te houden en/of te tonen en/of te richten en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee, uitstappen en leeg je zakken', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( vervolgens) nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en/of
- ( nogmaals) de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg', althans woorden van gelijke aard of strekking;
1. meer subsidiair
[naam 2] en/of een of meer tot op heden onbekend gebleven personen op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, een bestelauto (Opel Movano met kenteken [kenteken 1] ) met inhoud, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [aangever] en/of [naam 1] , in elk geval aan een ander dan aan die onbekend gebleven persoon en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen voornoemde [aangever] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en/of te vragen om achter verdachte(n) aan te rijden en/of
- ( vervolgens) bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en/of uit te stappen met een bivakmuts, in elk geval gezichtsbedekking, op en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd, in elk geval het lichaam, van die [aangever] te houden en/of te tonen en/of te richten en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee, uitstappen en leeg je zakken', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( vervolgens) nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en/of
- ( nogmaals) de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg', althans woorden van gelijke aard of strekking,
welk feit verdachte op of omstreeks 2 maart 2024, althans enkele dagen voor het feit, te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats] , althans in Nederland, opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging en/of misleiding en/of het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen, te weten door
- voornoemde [naam 2] en/of ‘mr. [naam 2] ’ en/of andere personen te benaderen om een door hem, verdachte, voorgenomen ripdeal uit te voeren waarbij voornoemde [aangever] zou worden beroofd van waardevolle goederen;
- contact te onderhouden met voornoemde [naam 2] en ‘mr. [naam 2] nieuw’ teneinde de voorgenomen ripdeal (in detail) te organiseren;
- een (vlucht)auto te regelen voor de dader(s);
- kort voor de voorgenomen ripdeal aan voornoemde ‘mr. [naam 2] ’ de exacte locatie, te weten [adres 2] te [pleegplaats] , door te sturen;
- tijdens de ripdeal vanaf korte afstand de voltooiing van het delict te bewaken en/of te observeren, althans te ondersteunen;
of
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door
- kort voorafgaand aan voornoemd misdrijf de locatie ‘ [adres 2] ’ naar het telefoonnummer van [naam 2] en/of ‘mr. [naam 2] nieuw’ te sturen en/of
- in de omgeving op de uitkijk te staan;
1. meest subsidiair
[naam 2] en/of een of meer tot op heden onbekend gebleven personen op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] heeft/hebben gedwongen tot de afgifte van een bestelauto (Opel Movano met kenteken [kenteken 1] ) met inhoud, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of [naam 1] en/of een derde toebehoorde(n) door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en/of te vragen om achter verdachte(n) aan te rijden en/of
- ( vervolgens) bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en/of uit te stappen met een bivakmuts, in elk geval gezichtsbedekking, op en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd, in elk geval het lichaam, van die [aangever] te houden en/of te tonen en/of te richten en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee, uitstappen en leeg je zakken', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( vervolgens) nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en/of
- ( nogmaals) de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg', althans woorden van gelijke aard of strekking;
welk feit verdachte op of omstreeks 2 maart 2024, althans enkele dagen voor het feit, te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats] , althans in Nederland opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging en/of misleiding en/of het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen, te weten door
- voornoemde [naam 2] en/of ‘mr. [naam 2] ’ en/of andere personen te benaderen om een door hem, verdachte, voorgenomen ripdeal uit te voeren waarbij voornoemde [aangever] zou worden beroofd van waardevolle goederen;
- contact te onderhouden met voornoemde [naam 2] en ‘mr. [naam 2] nieuw’ teneinde de voorgenomen ripdeal (in detail) te organiseren;
- een (vlucht)auto te regelen voor de dader(s);
- kort voor de voorgenomen ripdeal aan voornoemde ‘mr. [naam 2] ’ de exacte locatie, te weten [adres 2] te [pleegplaats] , door te sturen;
- tijdens de ripdeal vanaf korte afstand de voltooiing van het delict te bewaken en/of te observeren, althans te ondersteunen;
of
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door
- kort voorafgaand aan voornoemd misdrijf de locatie ‘ [adres 2] ’ naar het telefoonnummer van [naam 2] en/of ‘mr. [naam 2] nieuw’ te sturen en/of
- in de omgeving op de uitkijk te staan;
2. primair
hij op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van een rugtas (merk Goyard) en/of een sleutelbos, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of [naam 1] en/of een derde toebehoorde(n) door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en/of te vragen om achter verdachte(n) aan te rijden en/of
- ( vervolgens) bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en/of uit te stappen met een bivakmuts, in elk geval gezichtsbedekking, op en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd, in elk geval het lichaam, van die [aangever] te houden en/of te tonen en/of te richten en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee, uitstappen en leeg je zakken', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( vervolgens) nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en/of
- ( nogmaals) de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg', althans woorden van gelijke aard of strekking;
2. subsidiair
[naam 2] en/of een of meer tot op heden onbekend gebleven personen op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van een rugtas (merk Goyard) en/of een sleutelbos, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [aangever] en/of [naam 1] en/of een derde toebehoorde(n), door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en/of te vragen om achter verdachte(n) aan te rijden en/of
- ( vervolgens) bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en/of uit te stappen met een bivakmuts, in elk geval gezichtsbedekking, op en/of een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en/of
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd, in elk geval het lichaam, van die [aangever] te houden en/of te tonen en/of te richten en/of
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee, uitstappen en leeg je zakken', althans woorden van gelijke aard of strekking en/of
- ( vervolgens) nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en/of
- ( nogmaals) de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg', althans woorden van gelijke aard of strekking,
welk feit verdachte op of omstreeks 2 maart 2024, althans enkele dagen voor het feit, te [pleegplaats] en/of te [pleegplaats] , althans in Nederland, opzettelijk heeft uitgelokt door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging en/of misleiding en/of het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen, te weten door
- voornoemde [naam 2] en/of ‘mr. [naam 2] ’ en/of andere personen te benaderen om een door hem, verdachte, voorgenomen ripdeal uit te voeren waarbij voornoemde [aangever] zou worden beroofd van waardevolle goederen;
- contact te onderhouden met voornoemde [naam 2] en ‘mr. [naam 2] nieuw’ teneinde de voorgenomen ripdeal (in detail) te organiseren;
- een (vlucht)auto te regelen voor de dader(s);
- kort voor de voorgenomen ripdeal aan voornoemde ‘mr. [naam 2] ’ de exacte locatie, te weten [adres 2] te [pleegplaats] , door te sturen;
- tijdens de ripdeal vanaf korte afstand de voltooiing van het delict te bewaken en/of te observeren, althans te ondersteunen;
of
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 2 maart 2024 te [pleegplaats] , opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door
- kort voorafgaand aan voornoemd misdrijf de locatie ‘ [adres 2] ’ naar het telefoonnummer van [naam 2] en/of ‘mr. [naam 2] nieuw’ te sturen en/of
- in de omgeving op de uitkijk te staan;

Bewijsmiddelen

De hierna weergegeven bewijsmiddelen worden steeds gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten waarop zij blijkens hun inhoud uitdrukkelijk betrekking hebben. Sommige onderdelen van de bewijsmiddelen hebben niet betrekking op beide feiten, maar op één van beide feiten.
Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreffen dit pagina’s van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlage opgenomen bij de in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal van 9 juli 2024 en 1 oktober 2024, onderzoeksnummer MD 1R024016/14AKEN24, opgemaakt door de politie Eenheid Midden-Nederland, doorgenummerde pagina’s 1 t/m 404. Tenzij anders vermeld, zijn deze processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
1. Een proces-verbaal van aangifte door [aangever] d.d. 2 maart 2024, opgenomen op pagina 1 t/m 7 van voornoemd dossier, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van aangever:
Op 2 maart 2023 (het hof begrijpt: 2024) heb ik een bestelbus (een Opel Movano met kenteken [kenteken 1] ) opgehaald bij [naam 1] . In het huurvoertuig heb ik mijn tas van het merk Goyard gelegd. Ik stopte met de bestelbus in [pleegplaats] op de [adres 2] ter hoogte van [nummer 1] . Omstreeks 17:15 uur zag ik dat er een Volkswagen Golf mijn kant op reed. De Volkswagen stopte naast de bestelbus waar ik in zat. De bestuurder deed vervolgens zijn raam open en vroeg of ik hem even kon helpen met het verplaatsen van een paar spullen. Hij vroeg of ik achter hem aan kon rijden. Dit heb ik vervolgens gedaan. In de Volkswagen Golf zaten twee personen. Achter een bedrijfsverzamelgebouw stopte de Volkswagen. Ik zag dat de bestuurder uitstapte. Ik zag dat hij een bivakmuts over zijn gezicht droeg en dat hij een vuurwapen in zijn hand had. Hij richtte het vuurwapen gelijk mijn kant op. Hij richtte vervolgens het vuurwapen op mijn hoofd. Ik hoorde de bestuurder zeggen: “Alles gaat mee, leeg je zakken." Ik zag dat de bijrijder inmiddels ook naast de bestuurder stond. De bijrijder had ook een bivakmuts over zijn gezicht heen. De tas op het dashboard heb ik gepakt en aan de bijrijder gegeven. Hij duwde mij vervolgens tegen de muur aan waarna de bijrijder in de bestelbus is gestapt. De bestuurder richtte nog steeds zijn wapen op mij en riep vervolgens nogmaals: "Maak je zakken leeg". Om escalatie te voorkomen heb ik vervolgens mijn sleutelbos afgegeven. Vervolgens stapte de bestuurder weer in de Volkswagen Golf en zijn zij vertrokken in beide voertuigen.
Ik kan de bestuurder van de Volkswagen en de bijrijder als volgt omschrijven: zwarte huidskleur.
2. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 maart 2024 betreffende beelden [adres 2] blok 22, opgenomen op pagina 57-67 van voornoemd dossier, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van verbalisant [verbalisant 1] :
Naar aanleiding van een gewapende overval gepleegd 2 maart (
het hof begrijpt: 2024) omstreeks 17.25 uur aan de [adres 2] ter hoogte van [perceel] te [pleegplaats] werd een onderzoek in gesteld.
Uit de beelden van de bewakingscamera's bleek dat er opnamen waren gemaakt van de overval met verdachten en de aangever op beeld.
17.22.31 Voertuigen komen aanrijden.
17.22.36 Voorste voertuig is de personenauto voorzien van kenteken [kenteken 2] .
Beide voertuigen stoppen
17.23.25 Na enkele seconden stapt de bestuurder van de bus uit en loopt naar de personenauto.
17.23.26 De bestuurder van de personenauto stapt uit. Hierop duikt direct de bestuurder van de bus ineen.
17.23.27 De bestuurder richt een op vuurwapen gelijkend voorwerp op de bestuurder van de bus. Het ‘wapen’ wordt dicht bij het gezicht gehouden.
3. Een proces-verbaal van bevindingen betreffende overeenkomsten RDW-gegevens, opgenomen op pagina 76-77 van voornoemd dossier, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
Ik zag in het proces-verbaal dat de diefstal met geweld op camera was vastgelegd. In het proces-verbaal zijn de camerabeelden uitgekeken en vastgelegd. Uit het proces-verbaal blijkt dat de twee verdachten aankwamen rijden in een personenauto van het merk Volkswagen en voorzien van het kenteken [kenteken 2] . Ik heb onderzoek ingesteld naar de vernoemde Volkswagen voorzien van het kenteken [kenteken 2] . Ik zag dat de Volkswagen op naam gesteld stond van [naam 2] , geboren op [geboortedag] 1994 te [plaats] .
4. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 12 april 2024, betreffende onderzoek aan een iPhone 13, opgenomen op pagina 296-318 van voornoemd dossier, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van verbalisant [verbalisant 2] :
De in beslag genomen iPhone 13 werd uitgelezen.
IMEI: [nummer 2]
Last used MSISDN: + [telefoonnummer 1]

Gebruiker telefoon

Na onderzoek bleek dat [verdachte] de gebruiker is van deze telefoon. Laatst gekoppelde telefoonnummer + [telefoonnummer 1] wordt door [verdachte] gebruikt.

Contacten

Relevant voor dit onderzoek betrof de contacten mr. [naam 2] nieuw ( [telefoonnummer 1] ) en [naam 2] . De contacten betreffen beiden vermoedelijk [naam 2] , broer van [naam 2] en ook vaker als bestuurder van de Volkswagen Golf [kenteken 2] gecontroleerd door de politie.

Chats

In de telefoon waren chats opgeslagen.
Chat met contact “ [naam 2] Nieuw” en [verdachte] vanaf 23 december 2023 tot en met 2 april 2024. Uit dit gesprek bleek dat [verdachte] de locatie van de “ripdeal” op 2 maart 2024 te 15:44 uur had doorgestuurd naar [naam 2] .
“ [adres 2] .”
Gezien het tijdstip van dit bericht blijkt dat [verdachte] dit stuurde voordat de daadwerkelijke “ripdeal” plaatsvond.
[verdachte] vroeg aan [naam 2] of ze gaan overladen. Zij spreken vervolgens met elkaar af op 2 maart 2024 omstreeks 22:12 uur.
[verdachte] stelt voor aan [naam 2] op 3 maart 2024 om te gaan naar “Die kant.” [verdachte] stuurt een locatie door van De Dam te [pleegplaats] . Dit betreft de locatie waar later de weggenomen bestelauto van verhuurbedrijf [naam 1] is aangetroffen.

Searched items

Op 4 maart 2024 wordt er met de telefoon gezocht op de zoekterm “Goyard men bag.”
5. Een proces-verbaal van bevindingen analyse historische verkeersgegevens d.d. 17 april 2024, opgenomen op pagina’s 322 t/m 324, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van verbalisant [verbalisant 3] :
Op 2 april werd [verdachte] aangehouden. Tijdens zijn aanhouding werden onder hem twee telefoons in beslag genomen waaronder een Apple Iphone 13 voorzien van het IMEI-nummer [nummer 2] welke gebruik maakte van het telefoonnummer + [telefoonnummer 1] . De historische verkeersgegevens van het nummer + [telefoonnummer 1] over de periode van 2 januari 2024 tot en met 10 april 2024 werden opgevraagd.

2.maart 2024

Om 17:33 uur straalt [telefoonnummer 1] een zendmast aan welke gelegen is aan [adres 3] te [pleegplaats] ongeveer 800 meter van de plek van beroving,

3.maart 2024

Op 3 maart om 00:20 uur straalt [telefoonnummer 1] wederom [adres 3] te [pleegplaats] aan.
6. Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 13 april 2024 betreffende tactisch onderzoek iPhone XS [verdachte] , opgenomen op pagina 293 t/m 295 van voornoemd dossier, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als relaas van verbalisant [verbalisant 4] :
Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] , toebehorend aan " [naam 2] ", mogelijke uitvoerder van de ripdeal, staat in de onderzochte telefoon opgeslagen als " [naam 2] betreft een alias van [naam 2] .
7. Een proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] bij de rechter-commissaris d.d. 21 november 2024, als losse bijlage bij voornoemd dossier gevoegd, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven, als verklaring van de getuige:
Ik heb alleen met [verdachte]
(het hof begrijpt: verdachte)gesproken, want hij wilde privé praten. Hij vertelde wat hij gedaan had, namelijk dat hij een bus/wagen/voertuig samen met een neger iemand had geript. Hij en die neger en volgens mij nog iemand hadden met zijn drieën iemand geript. [naam 3] (
het hof begrijpt: [naam 3] )vertelde dat er een wapen tegen het hoofd was gezet. [verdachte] zei toen dat dat een andere jongen was die dat had gedaan. Dat was een donkere jongen uit Amsterdam. [naam 3] of zijn broer heeft in de telefoon van [verdachte] gekeken en zag dat ze dat hadden gepland. Die gesprekken stonden nog in de telefoon van [verdachte] . Ik heb de gesprekken zelf ook gezien. Ik weet dat er iets gepland was en dat het ook gelukt was.​​​​​​​
8. De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg van 11 december 2024, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Ik was in de buurt van de ‘ripdeal.’ Ik stond er ongeveer driehonderd meter vandaan. Ik heb een rol gehad in het terugbrengen van het lachgas en de dure tas, die in de bestelbus van [naam 1] zaten.

Bewijsoverweging

Verdachte wordt kortgezegd verweten dat hij als medepleger, als uitlokker dan wel als medeplichtige betrokken is geweest bij een ripdeal waarbij een bestelauto (feit 1), een luxe rugtas en een sleutelbos (feit 2) zijn buitgemaakt.
Verdachte heeft strafbare betrokkenheid ten aanzien van deze feiten ontkend. Ter terechtzitting in hoger beroep is dan ook vrijspraak bepleit. Daartoe is aangevoerd dat de verklaringen van getuige [getuige] onbetrouwbaar zijn en daarom van het gebruik voor het bewijs moeten worden uitgesloten. Verder is aangevoerd dat de overige onderzoeksbevindingen passen binnen het door verdachte geschetste alternatieve scenario.
Beoordeling van de betrouwbaarheid van de verklaringen van aangever en getuigen
In strafzaken geldt als uitgangspunt dat aangiftes en andere verklaringen kritisch en zorgvuldig worden bezien. Verklaringen dienen te worden beoordeeld op consistentie, accuraatheid en volledigheid. Het enkele feit dat in verklaringen op onderdelen tegenstrijdigheden voorkomen, maakt deze verklaringen op zichzelf nog niet onbetrouwbaar. Dat kan immers te wijten zijn aan de feilbaarheid van het menselijk geheugen, teweeggebracht onder invloed van emoties ontstaan door het delict of door tijdsverloop. Het gaat om de totale indruk die de verklaringen maken en de wijze waarop zij zijn afgelegd.
De rechtbank heeft in haar vonnis als volgt overwogen met betrekking tot de betrouwbaarheid van de verklaringen van getuige [getuige] .
Getuige [getuige] heeft verklaard dat verdachte tegen hem heeft gezegd dat hij samen met twee anderen iemand heeft ‘geript’. Deze anderen zouden volgens verdachte twee donkere jongens zijn, wat overeenkomt met de door [aangever] gegeven beschrijving van de signalementen van de twee overvallers. Verder heeft [getuige] naar eigen zeggen van verdachte vernomen dat één van de twee overvallers een wapen op het hoofd van het slachtoffer heeft gezet, wat overeenkomt met de verklaring van [aangever] .
(…)
[getuige] heeft bij de politie en de rechter-commissaris gedetailleerd verklaard over wat hij van verdachte heeft vernomen. Op de essentiële punten heeft [getuige] eensluidend en consistent verklaard. Zijn verklaringen bevatten enkele tegenstrijdigheden en inconsistenties, met name over de aard van zijn contacten met [naam 3] en het tijdstip waarop hij bekend werd met de betrokkenheid van verdachte. Deze tegenstrijdigheden zijn naar het oordeel van de rechtbank van onvoldoende gewicht om de verklaringen van [getuige] als onbetrouwbaar terzijde te schuiven, omdat deze de kern van zijn verklaring niet raken. Hooguit probeert hij zijn eigen rol in het geheel wat meer op een afstand te plaatsen. Een helder motief of belang om verdachte valselijk te beschuldigen, ziet de rechtbank ook niet. Dat [getuige] niet alles meer precies weet, doet niet af aan zijn betrouwbaarheid, dit kan voortkomen uit de werking van het geheugen en het tijdsverloop.
Dat de berichten over onder andere de planning van de ‘ripdeal’, die [getuige] op de telefoon van verdachte heeft ingezien, niet door de politie zijn aangetroffen bij het uitlezen van de telefoons, leidt niet tot de conclusie dat [getuige] dit heeft verzonnen. Verdachte kan deze berichten immers nadien hebben gewist.
Ten slotte overweegt de rechtbank dat [getuige] heeft verklaard dat verdachte ook hem heeft gevraagd om de klus uit te voeren, maar dat hij heeft geweigerd omdat hij het te gevaarlijk vond. Deze ontboezeming van [getuige] komt op de rechtbank authentiek over en maakt zijn verklaring als geheel geloofwaardiger. Dat geldt ook voor de omstandigheid dat [getuige] niet alleen belastend heeft verklaard over verdachte, maar ook over [naam 3] .
Het hof verenigt zich met deze overwegingen en maakt deze tot de zijne. Ter terechtzitting in hoger beroep heeft verdachte verklaard dat [getuige] mogelijk een financieel motief heeft gehad om belastend over hem te verklaren, omdat [getuige] een betere handel kon drijven met de concurrentie (lees: [naam 3] ). Desgevraagd heeft verdachte echter niet duidelijk kunnen maken waarom het voor [getuige] voor het drijven van handel met een ander nodig zou zijn om verdachte te belasten. Dit door verdachte aangereikte motief komt het hof niet logisch voor, terwijl evenmin is gebleken van andere redenen om in strijd met de waarheid belastend over verdachte te verklaren. Voorts worden de verklaringen van [getuige] op onderdelen ondersteund door de verklaring van aangever [aangever] . Het hof ziet, evenals de rechtbank, geen reden om aan de betrouwbaarheid en de juistheid van deze verklaringen van [getuige] te twijfelen en gebruikt deze dan ook voor het bewijs.
De verklaringen van verdachte
Verdachte heeft verklaringen afgelegd, die erop neerkomen dat hij slechts een tussenpersoon is geweest bij de handel in lachgas en dat hij niets met de ripdeal te maken heeft. Dit alternatieve scenario vindt zijn weerlegging in de bewijsmiddelen, in het bijzonder in de verklaring van getuige [getuige] .
Daar komt bij dat het hof het door verdachte aangedragen alternatieve scenario niet geloofwaardig acht. Verdachte zou als tussenpersoon op korte afstand op de uitkijk hebben gestaan om te kunnen waarschuwen voor eventuele aanwezigheid van politie, toen de – voor hem onverwachte – ripdeal plaatsvond. Naar het oordeel van het hof had het in dat scenario voor de hand gelegen dat verdachte snel daarna over het verlies van de bestelbus vol lachgas contact met zijn toenmalige compagnon [naam 3] had opgenomen, hetgeen verdachte echter niet heeft gedaan. Desgevraagd heeft verdachte ter terechtzitting in hoger beroep hiervoor naar het oordeel van het hof geen goede verklaring gegeven. Ook valt met dit scenario lastig te rijmen dat verdachte degene is die enkele uren na de ripdeal het initiatief neemt om met [naam 2] de lading lachgas uit de bestelbus over te laden in zijn eigen bestelwagen, dat dit vervolgens ook plaatsvindt in de nacht van 3 maart 2024 en dat verdachte op dat moment dus al de beschikkingsmacht over de bestelbus met inhoud heeft en in staat was de gestolen lachgasflessen en Goyard tas direct terug te bezorgen bij de eigenaar.
Deze omstandigheden dragen bij aan de overtuiging dat verdachte niet slechts een tussenpersoon was bij een mislukte handel in lachgas, maar dat hij juist een hoofdaandeel aan de ‘ripdeal’ heeft gehad.
Vaststelling van de feiten
Het hof stelt op grond van de hierboven weergegeven bewijsmiddelen het volgende vast.
Aangever [aangever] is op 2 maart 2024 beroofd van een bestelbus van verhuurbedrijf [naam 1] . Daarnaast heeft [aangever] bij deze beroving een tas van het merk Goyard en een sleutelbos moeten afgeven. De beroving is uitgevoerd door twee personen met bivakmutsen op, die in een Volkswagen Golf reden. Eén van de twee personen had een vuurwapen, dan wel een op een vuurwapen gelijkend voorwerp bij zich en richtte dit op het hoofd van [aangever] .
Gelet op de verklaring van getuige [getuige] , in combinatie met de aangifte, de verklaring van verdachte zelf en de bewijsmiddelen die zien op chats en locaties van verdachte en een medeverdachte, is het hof van oordeel dat verdachte betrokken is geweest bij de ‘ripdeal.’ De vraag is vervolgens hoe deze rol strafrechtelijk moet worden gekwalificeerd.
Medeplegen
Verdachte was niet één van de uitvoerders van de ripdeal, maar had, zo volgt met name uit de verklaring van [getuige] , een initiërende en aansturende rol op afstand. Verdachte stond kennelijk in contact met de twee mannen die de overval wel uitvoerden, was vlakbij toen de overval is gepleegd en heeft de geroofde lading ’s nachts uitgeladen. Verdachte had daarbij telkens het initiatief. Dit maakt dat sprake was van een gezamenlijke uitvoering, waarbij de intellectuele bijdrage van verdachte, als organisator van de ripdeal, van voldoende gewicht was om hem aan te merken als medepleger. Dat hij in staat was de lading vlot weer terug te bezorgen, bevestigt zijn centrale rol.
Diefstal en/of afpersing
De raadsman heeft zich (subsidiair) op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken van het onder 1 primair tenlastegelegde, omdat er geen sprake is van wederrechtelijke toe-eigening, zoals onder 1 primair is tenlastegelegd, maar van dwingen tot afgifte, zoals onder 1 subsidiair is tenlastegelegd.
Het hof is op grond van de bevindingen met betrekking tot de camerabeelden van het incident van oordeel dat de bestelbus is weggenomen. Uit die camerabeelden volgt dat verdachte eerst vrijwillig uit zijn bestelbus is gestapt en dat hij kort daaropvolgend door één van de inzittenden van de Volkswagen Golf is bedreigd met een vuurwerp dan wel een daarop gelijkend voorwerp. Even later is één van de overvallers in de bestelbus gestapt en hiermee weggereden. Hiermee hebben de overvallers het goed weggenomen van aangever en is er op dat moment sprake van wederrechtelijke toe-eigening. Het hof acht het onder 1 primair tenlastegelegde daarom wettig en overtuigend bewezen.
Op grond van de bewijsmiddelen acht het hof ook het onder 2 primair tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen. Nu de tas en sleutelbos onder dwang zijn afgegeven, is ten aanzien van deze goederen sprake van afpersing.
Voorwaardelijk verzoek
Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de raadsman een voorwaardelijk verzoek gedaan om [naam 2] als getuige te horen, onder de voorwaarde dat het hof tot een bewezenverklaring van het onder 1 meer subsidiair en 2 subsidiair zou komen waarbij [naam 2] onderdeel uitmaakt van de bewezenverklaring. Nu deze voorwaarde niet is vervuld, hoeft het hof op dit verzoek geen beslissing te nemen.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel - ook in onderdelen - slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:
1.primair
hij op 2 maart 2024 te [pleegplaats] , tezamen en in vereniging met anderen, een bestelauto (Opel Movano met kenteken [kenteken 1] ) met inhoud, die aan [aangever] en/of [naam 1] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangever] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en te vragen om achter verdachten aan te rijden en
- vervolgens bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en uit te stappen met een bivakmuts op en een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd van die [aangever] te houden en/of te richten en
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee en leeg je zakken', en
- vervolgens nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en
- nogmaals de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg';
2.
primair
hij op 2 maart 2024 te [pleegplaats] , tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en die anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [aangever] heeft gedwongen tot de afgifte van een rugtas (merk Goyard) en een sleutelbos, die aan die [aangever] toebehoorden, door
- aan die [aangever] te vragen om te helpen met het verplaatsen van een paar spullen en te vragen om achter verdachten aan te rijden en
- vervolgens bij een bedrijfsverzamelgebouw te stoppen en uit te stappen met een bivakmuts op en een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand en
- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van het hoofd van die [aangever] te houden en te richten en
- daarbij de woorden toe te voegen: 'Alles gaat mee en leeg je zakken', en
- vervolgens nadat die [aangever] spullen heeft overhandigd die [aangever] tegen de muur te duwen en
- nogmaals de woorden toe te voegen: 'maak je zakken leeg.'
Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het onder 1 primair bewezenverklaarde levert op:
diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.
Het onder 2 primair bewezenverklaarde levert op:
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.
De rechtbank heeft in haar vonnis met betrekking tot de op te leggen straf het volgende overwogen:
Aard en ernst van de feiten
Verdachte heeft zich met zijn mededaders schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een bestelbus, met een lading lachgasflessen. Bij deze overval is de bestelbus meegenomen en heeft het slachtoffer zijn dure tas en sleutelbos moeten afgeven.
Bij het plegen van de overval zijn de verdachte en zijn mededaders goed voorbereid en planmatig te werk gegaan. Verdachte heeft zich laten leiden door zijn eigen financiële belangen. De beroving heeft naast boosheid ook angst veroorzaakt bij het slachtoffer. Verder versterken zulke gebeurtenissen, die zich afspelen in het openbaar, gevoelens van angst en onveiligheid in de samenleving.
Voorts geldt dat het ‘rippen’ van een lading lachgas, dat op de Opiumwetlijst staat, maatschappelijk zeer belastend is, met name nu dergelijk handelen een stimulerend effect heeft op het criminele circuit. Met het ‘rippen’ van lachgasflessen kunnen namelijk tegen minimale kosten aanzienlijke geldbedragen worden verdiend, waarbij – vanwege het verboden karakter van de handel in en het bezit van lachgas – de aangiftebereidheid van het slachtoffer, en daarmee de kans op ontdekking, minimaal is. Dit lucratieve karakter is (mede) de oorzaak dat ‘rippen’ vaak gepaard gaat met toepassing van geweld, waarbij vaak (vuur)wapens worden gebruikt. Het plegen van ripdeals kunnen in het criminele milieu ook wel tot represailles leiden, met verregaande gewelddadige escalaties als gevolg.
De omstandigheid dat ook in deze zaak geweld van ingrijpende aard is toegepast, door een vuurwapen of een op een vuurwapen gelijkend voorwerp op het hoofd van slachtoffer te richten, weegt de rechtbank mee bij het bepalen van de straf.
Het hof kan zich met deze overwegingen verenigen en maakt deze tot de zijne.
In hoger beroep heeft het hof met betrekking tot de persoon van verdachte gelet op een hem betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie van 22 september 2025, waaruit volgt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten, maar ook dat hij recentelijk onherroepelijk is veroordeeld voor (onder meer) overtredingen van de Opiumwet, gepleegd in 2023. Daarbij is hem onder meer een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd met de bijzondere voorwaarden van een meldplicht, ambulante behandeling, dagbesteding en meewerken aan schuldhulpverlening en middelencontrole.
Verdachte verblijft reeds geruime tijd in voorlopige hechtenis. Uit een reclasseringsadvies van 15 oktober 2025 komt naar voren dat verdachte voor zijn detentie in het criminele circuit verkeerde door zijn actieve rol in de handel in lachgas. Zijn sociale netwerk is om die reden een belangrijke recidive-verhogende factor. Ook het ontbreken van een stabiele legale inkomstenbron is een belangrijke criminogene factor. Verder stond verdachte bekend als een geregeld drugsgebruiker. Ook dit is een risico-verhogende factor.
Bij verdachte komt een beeld naar voren van een jongeman die vaak voor de gemakkelijke weg koos, zonder dat hij de lange termijn gevolgen van zijn gedrag kon overzien. Een beschermende factor is dat hij kan blijven rekenen op steun van zijn familie.
Bij een veroordeling adviseert de reclassering een (deels) voorwaardelijke straf op te leggen met daaraan verbonden dezelfde bijzondere voorwaarden die recentelijk aan verdachte zijn opgelegd en hierboven zijn genoemd, met dit verschil dat geadviseerd wordt om in plaats van het meewerken aan middelencontrole nu een verbod op drugsgebruik op te leggen. Verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat hij bereid is zich aan al deze voorwaarden te houden indien deze hem worden opgelegd.
Gelet op de aard een de ernst van de feiten is het hof van oordeel dat deze oplegging van een langdurige gevangenisstraf rechtvaardigen. Het hof is van oordeel dat in deze zaak aansluiting kan worden gezocht bij de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg voor Vakinhoud Strafrecht (LOVS) met betrekking tot een overval op een vrachtwagen met daarbij de strafverzwarende aantekening dat de bewezenverklaarde feiten gepaard zijn gegaan met een ernstige bedreiging met een vuurwapen, althans een daarop gelijkend voorwerp. Gelet daarop is het hof van oordeel dat oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden passend en geboden is. In verdachtes jeugdige leeftijd en de omstandigheid dat hij niet eerder voor soortgelijke (gewelds)delicten is veroordeeld, ziet het hof aanleiding om 12 maanden van deze gevangenisstraf voorwaardelijk op te leggen, zodat verdachte een stok achter de deur heeft gedurende een proeftijd van 2 jaren, als hij – zoals hij ter zitting in hoger beroep heeft verklaard – na zijn detentie een maatschappelijk geaccepteerd bestaan gaat opbouwen. Aan dit voorwaardelijke strafdeel zal het hof de door de reclassering in haar rapport van 15 oktober 2025 geadviseerde voorwaarden verbinden.
Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire Pro beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek Pro van Strafvordering, aan de orde is.

Wetsartikelen

De straf is gebaseerd op de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden op het moment van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het onder 1 primair en 2 primair bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
36 (zesendertig) maanden.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot
12 (twaalf) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of de verdachte gedurende de proeftijd van 2 (twee) jaren ten behoeve van het vaststellen van zijn/haar identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclasseringsinstelling zo vaak en zolang als de reclasseringsinstelling dit noodzakelijk acht daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
Stelt als bijzondere voorwaarden:
- dat verdachte zich meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering zal contact met betrokkene opnemen voor de eerste afspraak;
- dat verdachte zich laat behandelen door de Waag of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling start zo snel als mogelijk. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling;
- dat verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur;
- dat verdachte meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen, ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Verdachte geeft de reclassering inzicht in zijn financiën en schulden;
- dat verdachte geen drugs gebruikt en meewerkt aan controle op dit verbod. De controle gebeurt met urineonderzoek. De reclassering bepaalt hoe vaak betrokkene wordt gecontroleerd.
Geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Dit arrest is gewezen door mr. J.A.M. Kwakman, mr. M.C. van Linde en mr. G. Souer, in aanwezigheid van de griffier D.D. Drost en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 12 november 2025.
Buiten staat
Mr. Souer is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.