Uitspraak
[verdachte] ,
Het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
- vrijspraak van het aan verdachte primair tenlastegelegde feit (opzettelijke vrijheidsberoving);
- veroordeling van verdachte van het aan hem subsidiair tenlastegelegde feit (dwang) tot een taakstraf voor de duur van veertig uren;
- integrale toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] voor het bedrag van € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel
- integrale toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] voor het bedrag van € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- gedeeltelijke toewijzing van de vordering na voorwaardelijke veroordeling, in de vorm van tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf voor de duur van 27 dagen.
Het vonnis waarvan beroep
- verdachte ter zake van het aan hem primair tenlastegelegde feit (opzettelijke vrijheidsberoving) vrijgesproken;
- verdachte ter zake van het aan hem subsidiair tenlastegelegde feit (dwang) veroordeeld tot een voorwaardelijke taakstraf voor de duur van zestig uren, subsidiair dertig dagen hechtenis, met een proeftijd van twee jaren;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] integraal toegewezen voor het bedrag van € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] integraal toegewezen voor het bedrag van € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- de vordering na voorwaardelijke veroordeling afgewezen.
Tenlastelegging
hij op of omstreeks 17 april 2024 te [plaats] , gemeente [gemeente] , [benadeelde 2] en/of [benadeelde 1] door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander, te weten die [benadeelde 2] en/of die [benadeelde 1] wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen en/of te dulden, door die [benadeelde 2] en/of [benadeelde 1] tegen zijn/hun wil te belemmeren zich te verwijderen uit de woning aan de [adres] .
Vrijspraak van het primair tenlastegelegde feit
het hof begrijpt: de voordeur) ging staan. Daardoor konden zij niet meer van die deur gebruikmaken. [benadeelde 2] verzocht verdachte meerdere keren om aan de kant te stappen zodat zij er langs konden. [benadeelde 2] probeerde de deurklink te pakken, waarna hij zag dat verdachte plotseling met zijn lichaam en zijn armen voor zich een uitval in zijn richting deed. Verdachte zei daarbij: “Je moet niet aan me komen“. Verdachte kwam daarbij tegen [benadeelde 2] aan. [benadeelde 2] kreeg een duw tegen zijn borst. Vervolgens ging verdachte weer voor de deur staan. [benadeelde 2] probeerde verdachte rustig te krijgen maar hij bleef hoog in zijn emotie. [benadeelde 2] heeft verdachte herhaaldelijk gevraagd om hen erdoor te laten. . [2]
Bewezenverklaring
hij op 17 april 2024 te Hoogezand [benadeelde 2] en [benadeelde 1] door enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander, [benadeelde 2] en [benadeelde 1] wederrechtelijk heeft gedwongen iets te dulden door die [benadeelde 2] en [benadeelde 1] tegen hun wil te belemmeren zich te verwijderen uit de woning aan de [adres] .
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Oplegging van straf
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke gepleegde feiten worden opgelegd;
- de omstandigheid dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan dwang. Verdachte heeft twee gezinsvoogden van [instantie] , die in het kader van hun werk als hulpverlener bij hem langskwamen voor een gesprek over zijn kinderen, gedurende een periode belemmerd om zijn woning te verlaten. Verdachte is bij de voordeur gaan staan met de deurklink in zijn hand en heeft ondanks meerdere verzoeken geweigerd om de deur te openen. Aangevers hebben zich daardoor angstig en onveilig gevoeld. Verdachte heeft door zijn handelen een inbreuk gemaakt op hun persoonlijke vrijheid.
- de inhoud van het reclasseringsrapport van 18 november 2024. Daaruit is gebleken dat verdachte beschikt over huisvesting, dagbesteding en inkomen. Verdachte heeft een positief sociaal netwerk en draagt bij aan de zorg voor zijn kinderen. De reclassering maakt zich zorgen over de verstoorde verhouding tussen verdachte en zijn ex-partner. Er is hulpverlening betrokken die gericht is op de kinderen;
- de persoonlijke omstandigheden van verdachte, voor zover daarvan uit het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken. Ter terechtzitting in hoger beroep is gebleken dat de verdachte omgang heeft met zijn kinderen, maar dat het contact met zijn ex-partner moeizaam verloopt.
Vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde 1]
Vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde 2]
Vordering tot tenuitvoerlegging parketnummer 18-234855-22
Wetsartikelen
BESLISSING
taakstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
20 (twintig) dagen hechtenis.