Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
Stichting Jeugdbescherming Gelderland,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In hoger beroep heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de voorlopige omgangsregeling tussen de moeder en haar twee minderjarige kinderen definitief vastgesteld. Deze regeling voorziet in minimaal eenmaal per twee weken een uur begeleid contact, waarbij de gecertificeerde instelling (GI) de regie voert over uitvoering en eventuele uitbreiding.
De moeder en de GI hadden eerder verzocht om een voorlopige regeling, omdat sinds de plaatsing van de kinderen in een nieuw pleeggezin meer rust was ontstaan en begeleid contact weer mogelijk werd geacht. De moeder rapporteerde dat het contact goed verloopt, maar wenste een verdere uitbreiding, met name een wekelijkse frequentie.
De GI en de raad voor de kinderbescherming adviseerden het hof om de huidige regeling voort te zetten vanwege de signalen die de kinderen na bezoekmomenten vertonen en de noodzaak van een neutrale begeleider in een huiskamersetting. De GI erkent de groei van de moeder in het contact en sluit uitbreiding niet uit als de kinderen dit aankunnen.
Het hof oordeelt dat de voorlopige regeling het beste aansluit bij het belang van de kinderen en de positieve ontwikkelingen bij de moeder. Daarom vernietigt het hof de eerdere beschikking van de kinderrechter en stelt het de omgangsregeling definitief vast zoals in de tussenbeschikking van 5 september 2024.
Uitkomst: De voorlopige omgangsregeling wordt definitief vastgesteld met minimaal eenmaal per twee weken een uur begeleid contact onder regie van de gecertificeerde instelling.