ECLI:NL:GHARL:2025:866
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenarrest over terugbetaling lening en verrekening juridische werkzaamheden
In augustus 2018 sloten partijen een geldleningsovereenkomst waarbij een bedrag van €7.500,- werd uitgeleend met een aflossingstermijn van ongeveer een jaar. Na het verstrijken van deze termijn ontstond discussie over de terugbetaling en verrekening van juridische werkzaamheden die appellant voor geïntimeerde had verricht.
De kantonrechter wees de vordering van geïntimeerde toe en wees de reconventionele vordering van appellant af. In hoger beroep betwist appellant de opeisbaarheid van de lening en stelt hij dat een deel van de lening verrekend mag worden met zijn verrichte werkzaamheden. Het hof oordeelt dat de lening opeisbaar is omdat de vermeende opschorting niet is bewezen. Wel is een bedrag van €2.500,- aan verrichte werkzaamheden in de ontslagzaak geaccepteerd als verrekening.
De vordering voor de Ohra-zaak wordt afgewezen omdat geen opdracht tot werkzaamheden is gegeven. De contractuele rente wordt toegewezen en de hoogte van buitengerechtelijke incassokosten wordt in het eindarrest bepaald. De voorwaardelijke vordering tot schadevergoeding wegens wanprestatie of onrechtmatige daad wordt opnieuw aan de orde gesteld in een incidenteel appel, waarvoor de zaak wordt verwezen naar de rol op 4 maart 2025.
Uitkomst: De lening is opeisbaar, een deel mag worden verrekend met juridische werkzaamheden, en de zaak wordt aangehouden voor verdere behandeling van een voorwaardelijke vordering.