ECLI:NL:GHARL:2025:8663
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoeken tot vervangende toestemming voor erkenning en omgangsregeling in een familiezakenkwestie
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 30 december 2025 uitspraak gedaan in hoger beroep over de verzoeken van een man tot vervangende toestemming voor de erkenning van zijn 16-jarige dochter en tot het vaststellen van een omgangsregeling. De man, die niet in Nederland staat geregistreerd, had eerder bij de rechtbank Midden-Nederland een verzoek ingediend, dat was afgewezen. Het hof heeft de procedure in eerste aanleg en de eerdere beschikkingen van de rechtbank in acht genomen, evenals de rol van de bijzondere curator en de raad voor de kinderbescherming. De man heeft een verleden van geweld en heeft sinds 2020 geen contact meer gehad met zijn dochter, die bij de vrouw woont. De dochter heeft tijdens een gesprek met het hof duidelijk gemaakt dat zij niet wil dat de man haar erkent en ook geen omgang met hem wil. Het hof heeft geconcludeerd dat de belangen van de minderjarige zwaarder wegen dan die van de man, en heeft de verzoeken van de man afgewezen. De beslissing van de rechtbank is bekrachtigd, en de bijzondere curator is ontslagen van haar taak.