Uitspraak
[verdachte]
Hoger beroep
Onderzoek van de zaak
- veroordeling van verdachte van de onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde feiten tot een gevangenisstraf van 10 maanden, met aftrek van het voorarrest;
- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] . voor het bedrag van € 12.230,67, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Het vonnis
- verdachte voor de onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde feiten veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, met aftrek van het voorarrest;
- de benadeelde partij [benadeelde] . niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding;
- het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Tenlastelegging
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan de [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5304 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;1. subsidiair
[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of een of meer onbekend gebleven personen in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] met elkaar, althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad (in een pand aan de [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5304 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door een (grote) hoeveelheid materialen en/of goederen bestemd voor hennepteelt te bestellen en/of te leveren en/of de elektriciteit aan te leggen;2.
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 20.744 kWh elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen/geld onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking.
hij in of omstreeks de periode van 01 oktober 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 2] en/of [plaats 1] en/of [plaats 3] , althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten (onder andere) [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of een aantal tot nu toe nog onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde Pro, vierde, vijfde lid, 10a eerste lid, 11 derde, vijfde lid en/of 11a Opiumwet.
- Onder code Z24-002 en nummer 80233421662 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [B.V. 10] betreffende de nalevering van CV buis met als afleveradres [B.V. 1] , [adres 2] [plaats 1] , klantadres [B.V. 1] [adres 6] [plaats 3] , contactpersoon [verdachte] , [telefoonnummer 2] . De datum van de pakbon bleek 14 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 15 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder ordernummer: VO29-0211696 werd een factuur aangetroffen van Bouwmaat [plaats 3] betreffende de levering van een hoeveelheid materiaal en gereedschap, factuuradres [B.V. 1] , [adres 6] [plaats 3] , onder werkomschrijving [adres 2] en onder handtekening [verdachte] . De op deze factuur genoemde goederen zijn nodig voor het bouwen en inrichten van de kweekruimten van de hennepkwekerij. [27] - Onder nummer 12-697026, referentie 464981-029 werd een verzenddocument aangetroffen van [B.V. 3] betreffende de levering van een hoeveelheid OSB. Onder omschrijving stond vermeld; “levering met kooiaap. Van tevoren bellen met contactpersoon [verdachte] [telefoonnummer 1] ”. OSB is houten constructieplaat. Dergelijke platen zijn gebruikt voor het bouwen van de kweekruimte in het bedrijfspand aan [adres 2] .
- Voorts werd onder factuurnummer 1020158 een factuur aangetroffen van [B.V. 7] betreffende de aanschaf van 4 C02 controllers van het merk Pro-Leaf en 4 C02 branders van het merk Pro-Leaf. Dergelijk materiaal wordt gebruikt bij het kweken van hennepplanten onder kunstlicht en werd ook aangetroffen in de hennepkwekerij op [adres 2] te [plaats 1] . Als factuuradres staat op deze factuur vermeld; “ [plaats 5] [B.V. 11] gevestigd [adres 7] [plaats 3] ”. Na informatie bij de Kamer van Koophandel blijkt op de [adres 7] [plaats 3] te zijn gevestigd; [B.V. 2] Enig aandeelhouder en bestuurder van [B.V. 2] is [B.V. 8] , gevestigd aan de [adres 6] te [plaats 3] . Enig aandeelhouder en bestuurder van [B.V. 8] is [verdachte] geboren op [geboortedag] 1970 te [geboorteplaats] , wonende [adres 6] [plaats 3] . [28]
A: Ik herken daar in een ruimte die houten trap naar boven. Ik moest via die trap naar boven en heb daar in een ruimte geknipt, daar waar die tafel stond. Ik zie op die foto’s met die schoenen ook mijn schoenen er tussen staan. [38]
Bewijsoverweging feit 3 deelname criminele organisatie
Eén van de aangetroffen documenten, lijkt een tijdlijn met als onderwerp "uitgaven". De tijdlijn bestaat uit 5 middels een horizontale lijn aan elkaar verbonden blokken met daarin een tijdsindicatie en daaraan verbonden ballonnen met tekst weergevende gebeurtenissen en uitgaven. In de blokken staat bij sep.2014 in de tekstballon “ [medeverdachte 4] weg” en bij jan .2017 “ [medeverdachte 4] terug”. Uit het detentieoverzicht van de verdachte [medeverdachte 4] blijkt dat de begindatum van zijn detentie 2 september 2014 is en dat hij vanaf januari 2017 in de halfopen inrichting [locatie] is geplaatst, waar hij dan vanaf dat moment geregeld met verlof kan. Deze gebeurtenissen passen in de tijdlijn.
het hof begrijpt: [getuige 2] )in de PI in [plaats 1] . Hierop is door het onderzoeksteam OVC ingezet. [43]
[medeverdachte 4] : “30 dagen.
[getuige 2] : “En [verdachte] heb 14 dagen
[medeverdachte 4] : Onze [verdachte] ? Waarom?
[getuige 2] : “Ik denk dat euh..
[medeverdachte 4] : “Heeft [medeverdachte 1] wat gezegd of niet?
[getuige 2] : Ik denk dat een paar bonnen naar boven zijn gekomen (..) [44] [medeverdachte 4] : “Maar het verhaal dus met [medeverdachte 1] dat hij is opgehaald en hij heb nu na z’n 14 dagen, heeft hij 30 dagen erbij gekregen.”
[medeverdachte 4] : “Nee die gasten die…”
[medeverdachte 4] : Dat hok die, die jongens hadden, [medeverdachte 1] ..ntv.. die binnen komt, [medeverdachte 2] die binnen komt ..ntv.. en dat zullen ze waarschijnlijk
[getuige 2] : We stinken allemaal. [46]
[getuige 2] : Ja zal ik zeggen. Ik spreek hem straks.
[medeverdachte 4] : Volgas. Bedreigen alles er op en er aan. [48]
[medeverdachte 4] : Vind ik ook. Je moet even naar [naam 5] toe gaan, dat het bedrijf wel door gaat (?)
[medeverdachte 4] : Oke is ..ntv .. ons
[getuige 2] : Nee ik vind het voor [verdachte] wel kut dus ik zal vanmiddag wel even ..
[medeverdachte 4] : Ja is ook kut. Zeg ook tegen [naam 5] dat ze haar bek dicht houd
[getuige 2] : Ja gaan we doen. [50]
het hof begrijpt: [verdachte]), dat u het een pleurislijer vindt, dat hij niet moet zeuren en dat hij er altijd aan heeft verdiend, dat hij voor iedereen die teringzooi aansluit. Wat kunt u hierover zeggen?
A: Dat hij gewoon iets anders moet gaan doen en niet meer bezig moet zijn met die wiet. [51]
het hof: aan het pand aan de [adres 9] in [plaats 2]) onderzoek ingesteld. Wij zagen dat het pand er verlaten bij lag. Wij zagen dat dit pand beveiligd was met camera’s. Wij zagen dat er in het pand een ruimte was gemaakt. Wij zagen dat deze ruimte was gemaakt met zogenoemde isolatieplaten. Wij zagen dat er een zeecontainer tegen de rechter achterzijde stond. Wij zagen dat er in het midden van de muur een grote roldeur zat. Middels een warmtebeeld camera is de achterzijde van het pand bekeken. Vastgesteld is dat de zeecontainer en de roldeur warm waren. [52]
Bewezenverklaring
hij in de periode van 1 december 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk heeft geteeld, bewerkt en verwerkt, in een pand aan de [adres 2] een hoeveelheid van ongeveer 5304 hennepplanten, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.
hij in de periode van 1 december 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 20.744 kWh elektriciteit, toebehorende aan [benadeelde] , waarbij verdachte en zijn mededaders het weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking.
hij in de periode van 1 oktober 2017 tot en met 14 maart 2018 in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en een of meer onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 11 derde Pro en vijfde lid van de Opiumwet.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Oplegging van straf
- de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- de omstandigheid dat verdachte zich gedurende een aanzienlijke periode schuldig heeft gemaakt aan het deelnemen aan een criminele organisatie met het oogmerk van het op bedrijfsmatige schaal telen van grote hoeveelheden hennep. Deze organisatie huurde daartoe grote bedrijfspanden die vervolgens listig met behulp van bestickering werden gemaskeerd als ware in die panden bonafide ondernemingen bezig met een reguliere bedrijfsvoering. Voorts werden de kwekerijen beveiligd met camera’s en werd een kwekerij beveiligd door een persoon met een vuurwapen. Verdachte is gedurende deze periode een onmisbare schakel gebleken bij het telen van de hennep. Verdachte fungeerde binnen de organisatie als de elektricien/installateur en was (onder meer) verantwoordelijk voor de installatie van elektra in de hennepkwekerij in [plaats 1] , waar ruim 5.000 hennepplanten in een groots opgezette en professioneel ingerichte kwekerij werd geteeld. De illegale hennepteelt op zulke grote schaal en in georganiseerd verband is maatschappelijk onaanvaardbaar en ontwrichtend.
- de inhoud van het strafblad van verdachte van 17 december 2025, waaruit volgt dat de beslissing van de rechtbank in de aan deze strafzaak gekoppelde ontnemingszaak inmiddels onherroepelijk is.
- de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan uit het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep is gebleken. Verdachte heeft een eigen bedrijf en woont samen met zijn vrouw en kinderen. Verdachte zet zich in voor de aflossing van zijn schulden.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde] .
Wetsartikelen
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden.
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde] .
€ 12.230,67 (twaalfduizend tweehonderddertig euro en zevenenzestig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.