ECLI:NL:GHARL:2026:131

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
7 januari 2026
Publicatiedatum
13 januari 2026
Zaaknummer
21-004251-25
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Schorsing van voorlopige hechtenis van verdachte op basis van recidivebeperkende voorwaarden

Op 7 januari 2026 heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in een raadkamerzitting uitspraak gedaan over een verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van een verdachte. De verdachte, geboren te Utrecht en verblijvende in een penitentiaire inrichting, had eerder een langere periode van schorsing van zijn voorlopige hechtenis ervaren. De advocaat-generaal heeft zich gemotiveerd verzet tegen de schorsing, maar het hof heeft, mede op basis van een recent reclasseringsrapport van Forensisch Maatwerk, besloten dat het recidivegevaar voldoende kan worden ingeperkt door het stellen van voorwaarden. Het hof heeft de persoonlijke omstandigheden van de verdachte in overweging genomen, evenals de impact van detentie op zijn licentie als voetbalmakelaar. Het hof heeft geconcludeerd dat, gezien de omstandigheden en de verwachte termijn voor een inhoudelijke behandeling van de zaak, er aanleiding is om de voorlopige hechtenis opnieuw te schorsen. De beslissing houdt in dat de verdachte zich aan verschillende voorwaarden moet houden, waaronder het niet onttrekken aan de tenuitvoerlegging van het bevel tot voorlopige hechtenis en het verschijnen op oproepen van politie en justitie. De schorsing gaat in op 9 januari 2026.

Uitspraak

pkn: 21-004251-25 – 16 (s)
Het gerechtshof heeft te beslissen op een verzoek in raadkamer van heden gedaan, namens de verdachte,
[verdachte] ,
geboren te Utrecht op [geboortedatum] ,
verblijvende in het [penitentiaire inrichitng] ,
tot schorsing van het tegen die verdachte rechtens gegeven en nog van kracht zijnde bevel tot voortduren van de voorlopige hechtenis.
Het hof heeft gehoord in raadkamer van heden de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door mr. Y. Bouchikhi, advocaat te Utrecht.

OVERWEGINGEN:

De raadsman heeft een mondeling onderbouwd verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis gedaan.
De advocaat-generaal heeft zich gemotiveerd verzet tegen schorsing.
Het hof ziet – anders dan het hof in zijn beschikking van 19 november 2025, en mede gezien de uitkomsten van het reclasseringsrapport van Forensisch Maatwerk van 2 januari 2026 – mogelijkheden om het recidivegevaar te beperken door het stellen van schorsingsvoorwaarden. In het rapport wordt nader ingegaan op de persoonlijke omstandigheden van verdachte, en de wijze waarop hij zijn leven vorm heeft gegeven tijdens de periode dat zijn voorlopige hechtenis eerder was geschorst (20 augustus 2024 – 20 november 2025). In dit rapport worden recidivebeperkende voorwaarden geformuleerd waaronder opnieuw schorsing zou kunnen plaatsvinden. Ook heeft het hof bij zijn overwegingen betrokken dat verdachte bij detentie zijn licentie als voetbalmakelaar dreigt kwijt te raken. Bovendien kan niet verwacht worden dat een inhoudelijke behandeling op korte termijn zal plaatsvinden.
Alles afwegend ziet het hof aanleiding de voorlopige hechtenis opnieuw te schorsen.
Het hof heeft gelet op het bepaalde in artikel 80 e.v. van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING:

Het hof beveelt dat de voorlopige hechtenis van verdachte wordt geschorst
met ingang van vrijdag 9 januari 2026 te 09.00 uur, zulks onder de navolgende voorwaarden:
1. De verdachte zal zich niet aan de tenuitvoerlegging van het bevel tot voorlopige
hechtenis onttrekken, indien de opheffing van de schorsing mocht worden bevolen.
2. Indien de verdachte wegens het feit waarvoor de voorlopige hechtenis is bevolen tot
andere dan vervangende vrijheidsstraf mocht worden veroordeeld, zal de verdachte
zich niet onttrekken aan de tenuitvoerlegging daarvan.
3. De verdachte zal ten behoeve van het vaststellen van zijn of haar identiteit
medewerking verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of zal een
identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter
inzage aanbieden.
4. De verdachte zal zich niet aan een strafbaar feit schuldig maken.
5. De verdachte zal verschijnen op iedere oproep van politie en justitie.
6. De verdachte zal bij wijziging van zijn adres ( [adres] ) het nieuwe adres onmiddellijk schriftelijk doorgeven aan de officier van justitie (kan ook door overschrijving in de gemeentelijke basisadministratie).
7. De verdachte zal de inhoudelijke behandeling van zijn strafzaak op de terechtzitting
aanwezig zijn.
8. De verdachte zal op geen enkele wijze - direct of indirect - contact met:
- [naam] , geboren op [geboortedatum] ;
- [naam] , geboren op [geboortedatum] ;
- [naam] , geboren op [geboortedatum] ;
- [naam] geboren op [geboortedatum] .
9. De verdachte reist niet naar het buitenland (behoudens toestemming van het openbaar ministerie) en levert daartoe zijn paspoort in bij de politie of het openbaar ministerie. Het openbaar ministerie bepaalt op welke manier dit dient te geschieden.
Aan de politie en het openbaar ministerie wordt opdracht gegeven toezicht te
houden op de naleving van de voorwaarden.
Aldus gegeven op 7 januari 2026 door mr. A.B.A.P.M. Ficq, voorzitter,
mr. G. Dam en mr. M.J. Vos, raadsheren, in tegenwoordigheid van
A. van de Wardt, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier.