ECLI:NL:GHARL:2026:1317

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
19 februari 2026
Publicatiedatum
5 maart 2026
Zaaknummer
21-003098-25
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 63 SrArt. 77a SrArt. 77g SrArt. 77m SrArt. 77n Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep openlijke geweldpleging tussen voetbalsupporters met voorwaardelijke werkstraf

In hoger beroep tegen het vonnis van de kinderrechter heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het vonnis vernietigd en opnieuw recht gedaan. Verdachte is veroordeeld voor openlijke geweldpleging gepleegd op 26 mei 2023 in de binnenstad van een plaats, waarbij hij samen met anderen betrokken was bij een gewelddadige confrontatie tussen twee groepen voetbalsupporters. Het hof acht bewezen dat verdachte zich onherkenbaar maakte, leuzen riep, een gevechtshouding aannam, en met stoelen, glazen en andere voorwerpen gooide richting tegenstanders en politie.

Het hof spreekt verdachte vrij van geweld tegen politieambtenaren omdat dit niet bewezen kon worden. Bij de strafoplegging is rekening gehouden met de ernst van het feit, de maatschappelijke impact van supportersgeweld, en de positieve ontwikkeling van verdachte sinds het plegen van het feit. De Raad voor de Kinderbescherming adviseerde een voorwaardelijke werkstraf gezien de geringe kans op herhaling.

Het hof legt een voorwaardelijke werkstraf van 60 uren op, subsidiair 30 dagen jeugddetentie, met een proeftijd van één jaar. Tevens wordt de tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke geldboete afgewezen vanwege het nieuwe strafbare feit. De benadeelde partij is niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 60 uren subsidiair 30 dagen jeugddetentie met een proeftijd van één jaar wegens openlijke geweldpleging.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-003098-25
Uitspraakdatum: 19 februari 2026
TEGENSPRAAK
Verkort arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Nederland, zittingsplaats Leeuwarden, van 27 juni 2025 met parketnummer 18-105274-24 en de van dat vonnis deel uitmakende beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging, parketnummer 96-036471-22, in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 2005 in [geboorteplaats] ,
wonende te [adres] .

Hoger beroep

Verdachte (hierna: [verdachte] ) heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Nederland.

Onderzoek van de zaak

Het hof heeft bij de beslissing betrokken wat op de zitting van het hof van 19 februari 2026 en wat er op de zitting bij de rechtbank besproken is.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot:
  • bevestiging van het vonnis van de kinderrechter, met uitzondering van het door de kinderrechter bewezen verklaarde geweld tegen de politie en de strafoplegging;
  • veroordeling van [verdachte] tot een werkstraf van 30 uren subsidiair 15 dagen jeugddetentie;
  • toewijzing van de vordering tot tenuitvoerlegging van de [verdachte] voorwaardelijk opgelegde geldboete in de strafzaak met parketnummer 96-036471-22.
Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat [verdachte] en zijn raadsman, mr. T.W. Delhaye, hebben aangevoerd.
Het hof heeft onmiddellijk na het sluiten van het onderzoek op de terechtzitting uitspraak gedaan.

Het vonnis

De kinderrechter heeft, zoals volgt uit het hiervoor genoemde vonnis waartegen het hoger beroep gericht is:
  • [verdachte] voor de ten laste gelegde openlijke geweldpleging veroordeeld tot een werkstraf van 60 uren subsidiair 30 dagen jeugddetentie;
  • de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 96-036471-22 afgewezen;
  • de benadeelde partij [slachtoffer] niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot schadevergoeding.
Het hof komt in dit arrest tot een enigszins andere beslissing over de bewezenverklaring dan de kinderrechter. Het hof vernietigt daarom het vonnis en doet opnieuw recht.
Nu [slachtoffer] de vordering tot schadevergoeding niet heeft gehandhaafd, is die vordering niet meer aan de orde in hoger beroep.

Tenlastelegging

Aan [verdachte] is ten laste gelegd dat:
hij op of omstreeks 26 mei 2023 te [plaats] , in elk geval in de [gemeente] , met een ander of anderen, op of aan een of meerdere openbare weg(en), te weten het [straat 1] en/of de [straat 2] en/of de [straat 3] nabij horecagelegenheid " [naam] " en/of de [straat 4] en/of een of meerdere ander(e) openbare weg(en) (in de buurt van het station/centrum), in elk geval op of aan een of meer openbare weg(en), openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd
A.
tegen meerdere personen, te weten een of meer van een groep ( [voetbalsupporters 1] of [voetbalsupporters 2] ) deel uitmakende perso(o)n(en) en/of een of meer (in uniform geklede) politieambtena(a)r(en), in elk geval een of meer perso(o)n(en), en/of
B.
tegen goederen, te weten (een) glas/glazen en/of (een) stoel(en) en/of ander meubilair en/of (een) asbak(ken), althans voorwerpen, toebehorende aan horecagelegenheid " [naam] ", en welk geweld bestond uit het opzettelijk gewelddadig
- na daartoe al dan niet (via app-berichten en/of een internet- en/of een telefonische verbinding) afspraken te hebben gemaakt, zich verzamelen en/of formeren tot een groep personen (op een afgesproken plaats) in de binnenstad/het centrum van [plaats] en/of
- zich (gedeeltelijk) onherkenbaar maken, door veelal zwarte kleding te dragen en/of een capuchon van de kleding (hoodie) over het hoofd te trekken en/of een bivakmuts, althans gezichtsbedekking, te dragen, en/of (vervolgens)
- optrekken/lopen in de richting van een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en) en/of
- roepen en/of schreeuwen van leuzen, zoals "Hooligans", althans (een) krachtig(e) woord(en) of termen van gelijke aard en/of strekking" en/of
- zich opstellen tegenover die een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en) en/of
- aannemen van een gevechtshouding, althans een dreigende houding, (te weten onder meer door met gebalde vuisten te gaan staan) tegenover een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en) en/of voorin één van die voornoemde groepen te gaan staan en/of (zulks terwijl een gewelddadige confrontatie is ontstaan tussen die beide groepen personen ( [voetbalsupporters 1] en [voetbalsupporters 2] ) en/of
- ( met kracht) gooien met (een) glas/glazen en/of (een) stoel(en) en/of ander meubilair en/of (een) asbak(ken), althans voorwerpen, toebehorende aan horecagelegenheid " [naam] ", en/of (een) aansteker(s) over en weer en/of tegen en/of naar, althans in de richting van, een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en) en/of
- omgooien of aan de kant gooien van (een) stoel(en) en/of
- ( met kracht) gooien met (een) glas/glazen en/of (een) stoel(en) en/of ander meubilair en/of (een) asbak(ken), althans voorwerpen, toebehorende aan horecagelegenheid " [naam] ", en/of (een) aansteker(s) tegen en/of naar, althans in de richting van, een of meer (in uniform geklede) politieambtena(a)r(en) en/of
- zich (vooraan) in één van die groepen naar voren en/of achteren bewegen en/of (daarbij) voorwerpen ontwijken en/of
- ( tevens) getalsmatig deel uitmaken van één van de zich verzamelde en/of geformeerde voornoemde groepen personen en/of
- stompen en/of slaan tegen het hoofd en/of een of meer ander(e) de(e)l(en) van het/de licha(a)m(en) van een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en) en/of
- trappen en/of schoppen tegen en/of in de richting van de/het licha(a)m(en) van een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en) en/of
- maken van slaande bewegingen in de richting van een of meer van die voornoemde groepen deel uitmakende perso(o)n(en).
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. [verdachte] is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewezenverklaring

Het hof acht op grond van de inhoud van wettige bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat [verdachte] het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
hij op 26 mei 2023 te [plaats] met anderen op meerdere openbare wegen, te weten: het [straat 1] en de [straat 2] en de [straat 3] nabij horecagelegenheid " [naam] " en de [straat 4] openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd
A.
tegen meerdere personen, te weten: van een groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen, en
B.
tegen goederen, te weten: glazen en stoelen en ander meubilair en asbakken, toebehorende aan horecagelegenheid " [naam] ", en welk geweld bestond uit het opzettelijk gewelddadig
- na daartoe via een WhatsAppbericht afspraken te hebben gemaakt, zich verzamelen en formeren tot een groep personen op een afgesproken plaats in de binnenstad/het centrum van [plaats] , en
- het zich (gedeeltelijk) onherkenbaar maken, door veelal zwarte kleding te dragen en een capuchon van de kleding (hoodie) over het hoofd te trekken of een bivakmuts te dragen, en vervolgens
- het optrekken/lopen in de richting van van die groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen, en
- het roepen en schreeuwen van leuzen, zoals "Hooligans!", en
- het zich opstellen tegenover die van die groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen, en
- het aannemen van een gevechtshouding, te weten: onder meer door met gebalde vuisten te gaan staan tegenover van die groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen en, zulks terwijl een gewelddadige confrontatie is ontstaan tussen die beide groepen personen, te weten: [voetbalsupporters 1] en [voetbalsupporters 2] , en
- het met kracht gooien met glazen en stoelen en ander meubilair en asbakken, toebehorende aan horecagelegenheid " [naam] ", en aanstekers over en weer en naar van die groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen, en
- het omgooien of aan de kant gooien van stoelen, en
- het met kracht gooien met glazen en stoelen en ander meubilair en een asbakken, toebehorende aan horecagelegenheid " [naam] ", en aanstekers in de richting van in uniform geklede politieambtenaren, en
- het zich vooraan in één van die groepen naar voren en achteren bewegen en daarbij voorwerpen ontwijken, en
- het tevens getalsmatig deel uitmaken van één van de zich verzamelde en geformeerde voornoemde groep [voetbalsupporters 2] , en
- het stompen en slaan tegen het hoofd en andere delen van de lichamen van voornoemde groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen, en
- het trappen en schoppen tegen en in de richting van de lichamen van die voornoemde groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen, en
- het maken van slaande bewegingen in de richting van die voornoemde groep [voetbalsupporters 1] deel uitmakende personen.
Het hof spreekt [verdachte] vrij van die onderdelen van de tenlastelegging die hierboven niet bewezen zijn verklaard, waaronder het geweld tegen de politieambtenaren, nu niet gebleken is dat het geweld zich tegen hen richtte.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar.
Het bewezenverklaarde levert op:
openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen en goederen.

Strafbaarheid van verdachte

[verdachte] is strafbaar omdat geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die maakt dat [verdachte] niet strafbaar is.

Oplegging van straf

Bij het bepalen van de straf houdt het hof rekening met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van [verdachte] .
[verdachte] heeft zich op 26 mei 2023 in [plaats] samen met een groot aantal personen – die voornamelijk bestonden uit [voetbalsupporters 2] en [voetbalsupporters 1] – schuldig gemaakt aan openlijke geweldpleging tegen personen en goederen. [verdachte] behoorde tot de groep [voetbalsupporters 2] . Deze ontmoeting en vechtpartij waren van tevoren afgesproken. De [voetbalsupporters 2] namen plaats op het terras van [naam] in afwachting van de komst van de [voetbalsupporters 1] . Na aankomst van de [voetbalsupporters 1] mondde het verbale geweld over en weer al snel uit in vechten en het gooien met stoelen, servies en glazen die toebehoorden aan [naam] . De supporters hadden zich voorbereid door donkere kleding, zonnebrillen en bivakmutsen te dragen. Het toevallig aanwezige publiek op het terras van [naam] en andere omstanders in de omgeving van het treinstation zagen zich plotseling geconfronteerd met de uitbarsting van het grove geweld. De aanwezige politie werd genegeerd door de aanhangers van beide sportclubs. Op een gegeven moment werden de wederzijdse gewelddadigheden door de politie beëindigd met gebruikmaking van de lange wapenstok en door de inzet van een hondengeleider met zijn politiehond.
[verdachte] heeft niet alleen de groep getalsmatig vergroot, hij heeft ook een bijdrage geleverd aan dit geweld door een stoel die op het terras stond in de richting van de [voetbalsupporters 1] te gooien. Ook heeft hij een schoppende beweging gemaakt in de richting van de groep [voetbalsupporters 1] .
[verdachte] en zijn mededaders hebben door hun handelen de openbare orde op ernstige wijze verstoord. Het hof rekent dit [verdachte] en zijn mededaders zwaar aan. Supportersgeweld, al dan niet onderling afgesproken, is nog steeds een groot en voortdurend maatschappelijk probleem. Verder zijn door het handelen van [verdachte] en zijn mededaders omstanders geconfronteerd met grof geweld, waarbij onder andere met andermans eigendommen is gegooid. Dergelijke ernstige openbare ordeverstoringen tussen voetbalsupporters veroorzaken niet alleen gevoelens van angst en onveiligheid maar ook materiële schade. [verdachte] heeft door zijn handelen hieraan bijgedragen.
Bij de op te leggen straf heeft het hof gekeken naar het strafblad van [verdachte] van 21 januari 2026. Hieruit blijkt dat [verdachte] eerder onherroepelijk is veroordeeld voor een strafbaar feit, maar niet voor een soortgelijk feit.
Het hof heeft verder rekening gehouden met het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad) van 24 juni 2025. Hierin staat dat volgens de Raad de kans op herhaling van strafbaar gedrag nog steeds klein is en in vergelijking met het raadsrapport van november 2023 zelfs nog kleiner is geworden. [verdachte] wordt steeds volwassener en dit is ook terug te zien in zijn gedrag. De Raad adviseert – ook nog tijdens de zitting van het hof – een voorwaardelijke werkstraf. Vanwege het feit dat [verdachte] sinds het plegen van het feit positief is veranderd, in 2024 al een werkstraf heeft uitgevoerd en de kans op herhaling van delictgedrag op laag wordt ingeschat vindt de Raad een voorwaardelijke werkstraf passend. Hierdoor wordt het goede gedrag van [verdachte] beloond.
Het hof houdt bij de strafoplegging ook rekening met de persoonlijke omstandigheden van [verdachte] , zoals door hem en zijn raadsman naar voren zijn gebracht op de zitting van het hof. Ook het hof heeft de indruk gekregen dat het goed gaat met [verdachte] . Hij ontwikkelt zich positief en is bezig met het volwassener worden in zijn gedrag. [verdachte] heeft afstand genomen van de vriendengroep die een negatieve invloed op hem had.
Verder houdt het hof bij het bepalen van de straf rekening met het tijdsverloop tussen het plegen van het bewezenverklaarde feit en de datum van de einduitspraak in hoger beroep.
Het hof acht, alles afwegende, de oplegging van een voorwaardelijke taakstraf, in de vorm van een werkstraf, van 60 uren subsidiair 30 dagen jeugddetentie met een proeftijd van één jaar, passend en geboden. Het hof wil met deze straf de ernst van het bewezen verklaarde feit benadrukken, maar ook [verdachte] de mogelijkheid bieden de door hem geschetste positieve lijn in zijn leven voort te zetten.

Vordering tot tenuitvoerlegging

In de zaak met parketnummer 96-036471-22 is [verdachte] op 19 september 2022 door de kantonrechter veroordeeld. Aan [verdachte] is toen een voorwaardelijke geldboete opgelegd van € 100,00 subsidiair 2 dagen jeugddetentie, met een proeftijd van twee jaren. Het openbaar ministerie heeft de tenuitvoerlegging gevorderd van deze voorwaardelijke geldboete. Deze vordering is in hoger beroep ook aan de orde.
[verdachte] heeft een nieuw strafbaar feit gepleegd voor het einde van de proeftijd. Daarom beveelt het hof de tenuitvoerlegging van die voorwaardelijk opgelegde straf, waarbij de geldboete, als [verdachte] die niet betaalt, vervangen dient te worden door 1 dag jeugddetentie.

Wetsartikelen

De straf is gebaseerd op de artikelen 63, 77a, 77g, 77m, 77n, 77x, 77y, 77z en 141 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden op het moment van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstraf, bestaande uit een
werkstrafvoor de duur van
60 (zestig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
30 (dertig) dagen jeugddetentie.
Bepaalt dat de werkstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van
1 (één) jaaraan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Beveelt de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de kantonrechter Noord-Nederland van 19 september 2022, parketnummer 96-036471-22, voorwaardelijk opgelegde straf, te weten van:
een geldboete van
100,00 (honderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 1 (één) dag jeugddetentie.
Dit arrest is gewezen door mr. J.A.M. Kwakman, mr. P.F.E. Geerlings en mr. L. Pieters, in aanwezigheid van de griffier mr. A. Abdulkarim en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 19 februari 2026.