ECLI:NL:GHARL:2026:1391
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens ongeldige volmacht
Verdachte stelde hoger beroep in tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland. Het hof onderzocht de ontvankelijkheid van dit hoger beroep en concludeerde dat de schriftelijke volmacht, verstrekt door de vorige raadsman, niet voldeed aan de vereisten. Zo ontbrak onder meer een adres voor toezending van het afschrift van de dagvaarding in hoger beroep.
Volgens het recente arrest van de Hoge Raad van 3 februari 2026 (ECLI:NL:HR:2026:156) leidt het ontbreken van een correcte volmacht in beginsel tot niet-ontvankelijkheid, tenzij verdachte of een gemachtigde raadsman ter zitting verschijnt en bevestigt dat het hoger beroep gewenst is, of indien de oproeping persoonlijk is uitgereikt. Geen van deze uitzonderingen was hier van toepassing.
Daarom verklaarde het hof verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Dit arrest werd gewezen door de meervoudige kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 20 februari 2026.
Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens een niet-conforme schriftelijke volmacht.