Uitspraak
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De feiten
4.De beoordeling
rating, een vliegtuig wil huren anderzijds. Vliegschool Hilversum heeft in dit verband onbetwist gesteld dat haar rol meebrengt dat zij bewaakt dat normen van zogenoemd
good airmanshipin acht worden genomen. Daarmee bedoelt zij, samengevat, dat de aard van de activiteit – het ter beschikking stellen van vliegtuigen waarmee in delen van het luchtruim boven Nederland door particulieren gevlogen wordt – vergt dat hele hoge maatstaven van zorgvuldigheid in acht worden genomen. Vliegschool Hilversum rekent het dus tot haar taak als verhuurder van vliegtuigen, dat die hoge normen in acht worden genomen. Dat deze taakopvatting past bij de aard van de rechtsverhouding tussen partijen heeft [appellant] overigens ook niet (gemotiveerd) betwist.
good airmanship, oftewel de vliegveiligheid, daarmee niet gediend is. Vliegschool Hilversum heeft er ook, onbetwist, op gewezen dat zowel haar reglement als algemene voorwaarden bepalingen kennen (artikel 21.2, respectievelijk artikel 2), waaruit volgt dat gemaakte boekingen voor vluchten met gehuurde vliegtuigen voor Vliegschool Hilversum niet bindend zijn. Dit betekent dus dat ook als juist is wat [appellant] stelt over het verloop van het telefonisch contact op 4 augustus 2022, dit losstaat van de vraag of Vliegschool Hilversum de verhuurrelatie mocht beëindigen. Uit hetgeen hiervoor is overwogen volgt namelijk dat Vliegschool Hilversum dat mocht doen, als zij vond daarvoor goede redenen te hebben. Dat Vliegschool Hilversum zelf meende dat zulke redenen aanwezig waren, is uit de in deze procedure naar voren gekomen feiten en omstandigheden wel gebleken.