Uitspraak
1.ONVZ Ziektekostenverzekeraar N.V.
1.Westfalen Medical B.V.
2. Mediq Nederland B.V.
3. Vivisol Nederland B.V.
4. VitalAire Nederland B.V.
5. Total Care B.V.
1.Het verloop van de procedure
2.De kern van de zaken
3.Feiten
- CPAP: beademing en anti-apneu en snurk-apparatuur;
- SPT: sleep position trainer tegen slaap-apneu;
- PEP: therapie voor Cystic Fibrosis en COPD;
- MRA: beugel tegen slaapapneu en snurken;
- Zuurstof: medische zuurstof (apparaten);
- Vernevelaars;
- Slijmuitzuigapparatuur.
4.De beoordeling in het principaal en incidenteel hoger beroep
door geen inzicht te bieden in de totstandkoming van haar tarieven.
ANVR/IATA [8] onvoldoende heeft toegelicht waarom het tarief 2025 in dit geval leidt tot misbruik op de relevante markt, zoals bedoeld in artikel 24 Mededingingswet Pro. Daar komt bij dat gezien het marktaandeel van ONVZ (waarvan beide partijen uitgaan dat het [percentage4] is) het op de weg van de hulpmiddelenaanbieders had geleden feiten en omstandigheden aan te dragen op grond waarvan aannemelijk zou zijn dat ondanks dit (zeer) geringe marktaandeel er toch sprake is van een machtspositie van ONVZ. Dat hebben zij niet gedaan.
5.De beslissing
- € 10.188, - griffierecht;
- € 1.661, - aan salaris van de advocaat van ONVZ;
- € 144,47 voor de appeldagvaarding;
- € 827,- griffierecht;
- € 2.580, - aan salaris van de advocaat van ONVZ (2 punten x tarief II);