ECLI:NL:GHARL:2026:2368
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen sanctie voor gebruik puntstuk in plaats van verdrijvingsvlak
De betrokkene werd bij inleidende beschikking gesanctioneerd voor het gebruik van een verdrijvingsvlak met een boete van €250,-, later gematigd tot €187,50 door de kantonrechter wegens overschrijding van de redelijke termijn. In hoger beroep betwistte de gemachtigde dat sprake was van een verdrijvingsvlak en stelde dat het een puntstuk betrof.
Het hof onderzocht de situatie ter plaatse aan de hand van een Google Street View afbeelding en concludeerde dat het wegmarkering betreft die een puntstuk aanduidt, geen verdrijvingsvlak. Hierdoor kon de gedraging van het gebruik van een verdrijvingsvlak niet worden vastgesteld, maar wel het gebruik van een puntstuk. De feitcode werd dienovereenkomstig gewijzigd.
De betrokkene werd niet vrijgesteld van de sanctie omdat de verwijtbaarheid niet was onderbouwd. Het hof kende een proceskostenvergoeding toe voor de procedure bij de kantonrechter en het hoger beroep, waarbij de vergoeding voor het hoger beroep werd verminderd met een factor 0,1 conform de Wahv. De sanctie bleef €187,50. De beslissing van de kantonrechter werd vernietigd en het beroep tegen de officier van justitie werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De sanctie wordt gehandhaafd voor het gebruik van een puntstuk in plaats van een verdrijvingsvlak, met een boete van €187,50 en een proceskostenvergoeding van €513,70.