Partijen zijn gescheiden ouders van twee minderjarige kinderen met een speciale zorgbehoefte. De rechtbank had het gezamenlijk gezag beëindigd en een omgangsregeling vastgesteld. De vader ging in hoger beroep tegen de beëindiging van het gezag en wilde de omgangsregeling uitbreiden met een regeling voor feestdagen en vakanties.
Het hof oordeelt dat de gewijzigde omstandigheden, waaronder moeizame communicatie tussen ouders en de zorgbehoefte van de kinderen, het noodzakelijk maken dat de moeder het gezag alleen uitoefent. De vader en moeder konden ondanks inspanningen niet tot een werkbare gezamenlijke gezagsuitoefening komen. De omgang tussen vader en kinderen verloopt goed, en partijen zijn het eens geworden over de omgang tijdens vakanties en feestdagen.
Het hof bekrachtigt daarom de beëindiging van het gezamenlijk gezag en stelt de omgangsregeling vast zoals overeengekomen, met een gedetailleerde verdeling van vakanties en feestdagen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.