De ouders hebben een minderjarige dochter die sinds 2015 geboren is en bij de moeder woont. De relatie tussen de ouders eindigde in 2018. Sinds 2019 staat de minderjarige onder toezicht van een gecertificeerde instelling vanwege ernstige ontwikkelingsbedreigingen, waaronder langdurig huiselijk geweld en onveilige situaties veroorzaakt door de vader.
De rechtbank Noord-Nederland beëindigde het gezag van de vader over de minderjarige, een beslissing waartegen de vader in hoger beroep ging. Het hof ontving diverse stukken en hield een zitting waarbij de minderjarige niet werd gehoord vanwege haar kwetsbare situatie. Het hof weegt het belang van het kind en de verzorgende ouder mee en constateert dat het gedrag van de vader, waaronder agressie en dreiging, de ontwikkeling van de minderjarige ernstig bedreigt.
De vader heeft meerdere strafrechtelijke veroordelingen voor mishandeling en bedreiging. Ondanks hulpverlening en begeleiding heeft hij zijn gedrag niet positief veranderd. De omgang met de minderjarige is sinds 2022 vrijwel gestopt vanwege incidenten. Het hof oordeelt dat voortzetting van het gezag schadelijk is en dat de beëindiging proportioneel en noodzakelijk is. De beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.