ECLI:NL:GHARL:2026:2659
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking afgewezen wegens ontbreken verplichte procesvertegenwoordiging
In deze zaak heeft verzoeker tijdens een mondelinge behandeling bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden de voorzitter van de zitting gewraakt. Het verzoek tot wraking is vervolgens door de wrakingskamer behandeld. Verzoeker heeft het wrakingsverzoek zonder advocaat ingediend, terwijl volgens artikel 353 lid 1 Rv Pro bij het gerechtshof alleen door een advocaat kan worden geprocedeerd.
De wrakingskamer heeft het verzoek daarom niet-ontvankelijk verklaard. Tevens heeft de wrakingskamer overwogen dat een inhoudelijke beoordeling van het verzoek niet tot toewijzing zou hebben geleid, omdat de aangevoerde gronden onvoldoende waren en betrekking hadden op de inhoud van de zaak, waarover de wrakingskamer niet oordeelt.
De wrakingskamer heeft verzoeker geadviseerd een advocaat te zoeken om zijn procespositie te waarborgen. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 april 2026 door de wrakingskamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard en inhoudelijk afgewezen wegens ontbreken van verplichte procesvertegenwoordiging.