ECLI:NL:GHARL:2026:3036
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voorlopige hechtenis wegens openlijk geweld tegen gemeentehuis
De verdachte is door de politierechter veroordeeld voor openlijk geweld gepleegd tegen een gemeentehuis, waarbij hij onder meer stoeptegels en een betonnen voetplaat tegen het gebouw gooide en met een verkeerspaal op de voordeur ramde. De politierechter heeft op 1 mei 2026 voorlopige hechtenis bevolen op grond van de snelrechtgrond uit artikel 67a lid 2 sub 4 Wetboek van Strafvordering.
Het hof oordeelt dat deze snelrechtgrond ten onrechte aan het bevel tot gevangenneming ten grondslag is gelegd, omdat de berechting reeds heeft plaatsgevonden en de snelrechtgrond bedoeld is voor zaken die binnen een korte termijn moeten worden berecht. Desondanks wijst het hof het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis af vanwege ernstige bezwaren, de bekendheid van de verdachte met de feiten en de maatschappelijke veiligheid.
Het hof houdt rekening met het grove geweld en de verstoring van het democratisch debat door de verdachte, die onder invloed van alcohol handelde. Er is een reëel risico dat de verdachte opnieuw betrokken raakt bij gewelddadige confrontaties. Ook een verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis wordt afgewezen, omdat het maatschappelijk belang zwaarder weegt dan het persoonlijk belang van de verdachte.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot opheffing en schorsing van de voorlopige hechtenis af vanwege ernstige bezwaren en vrees voor herhaling.