ECLI:NL:GHARL:2026:356
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- M.H.F. van Vugt
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- P.B. Kamminga
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging afwijzing omgangsregeling wegens ernstig nadeel voor geestelijke ontwikkeling minderjarige
De vader verzocht de rechtbank Gelderland om een omgangsregeling met zijn minderjarige kind vast te stellen. De rechtbank wees dit verzoek af omdat omgang ernstig nadeel zou opleveren voor de geestelijke ontwikkeling van het kind, dat onder voogdij staat van een gecertificeerde instelling (GI).
In hoger beroep bevestigt het hof deze beslissing. Het hof overweegt dat de minderjarige complexe problematiek heeft en volledig afhankelijk is van intensieve begeleiding. De GI heeft recent een woonplek gevonden die aansluit bij de zorgbehoefte van het kind, met als doel rust en basisveiligheid te bieden voor verdere ontwikkeling.
Het hof stelt dat een vaste omgangsregeling op dit moment niet in het belang van het kind is, omdat het kind rust en behandeling nodig heeft. Hoewel er incidenteel begeleide belcontacten plaatsvinden, acht het hof het niet wenselijk deze in een formele regeling vast te leggen. De regie over contactmomenten blijft bij de GI, die rekening houdt met de wensen en belastbaarheid van het kind.
De beslissing van de rechtbank wordt daarom bekrachtigd, waarmee het verzoek van de vader wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot omgangsregeling wegens ernstig nadeel voor de geestelijke ontwikkeling van de minderjarige.