Uitspraak
Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden- Nederland , zittingsplaats Utrecht , van 11 september 2023 met parketnummer 16-152653-22 in de strafzaak tegen
1.Hoger beroep
2.Onderzoek van de zaak
mr. A.E.S. Heijnen, advocaat te Rotterdam, naar voren hebben gebracht.
3.Het vonnis
- eendaadse samenloop van poging tot verkrachting (feit 1), opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven (feit 2), bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, bedreiging met zware mishandeling, bedreiging met verkrachting en bedreiging met feitelijke aanranding van de eerbaarheid (feit 3) en mishandeling (feit 4), en
- eendaadse samenloop van poging tot verkrachting (feit 5) en mishandeling (feit 6 meer subsidiair),
[benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 1] ) en een gebiedsverbod (ten aanzien van het [plaats] te [plaats] ). De rechtbank heeft beide maatregelen voor de duur van vijf jaren opgelegd en bepaald dat de vervangende hechtenis voor elke overtreding één maand bedraagt, met een maximum van zes maanden.
4.Tenlastelegging
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland,
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland, opzettelijk [benadeelde partij 1] wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden, door
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland, [benadeelde partij 1] heeft bedreigd met verkrachting, en/of feitelijke aanranding van de eerbaarheid, en/of enig misdrijf tegen het leven gericht en/of gijzeling en/of zware mishandeling, door
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland, [benadeelde partij 1] heeft mishandeld door
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om door geweld of een andere feitelijkheid en/of bedreiging met geweld of een andere feitelijkheid [benadeelde partij 2] te dwingen tot het ondergaan van een of meer handelingen die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [benadeelde partij 2]
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [benadeelde partij 2] opzettelijk van het leven te beroven
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [benadeelde partij 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen
hij op of omstreeks 19 juni 2022 te [plaats] , althans in Nederland,
5.Overweging met betrekking tot het bewijs
het hof begrijpt: [benadeelde partij 2]) het beeld in
het hof begrijpt: verdachte) het beeld in lopen. De man loopt met versnelde pas in de richting van de vrouw. De vrouw kijkt om in de richting van de man. De man strekt zijn linkerarm uit richting de nek van de vrouw. [7] De vrouw probeert de man af te houden met haar rechterhand. De vrouw komt ten val met haar rug op de grond. De vrouw probeert met haar voeten meerdere keren tegen de man te trappen. De vrouw probeert op te staan. [8] De man probeert haar weer vast te pakken. De man houdt beide armen gestrekt en hij springt op de vrouw in. De man pakt met beide handen de rechterarm van de vrouw vast. De vrouw komt weer ten val op haar rug en de man staat boven haar. De vrouw probeert met haar benen de man van zich af te houden en probeert de man met haar voeten te schoppen. [9] De man gaat met zijn beide knieën op de buikstreek van de vrouw zitten en probeert met beide handen de handen van de vrouw tegen het lichaam te drukken. De man en de vrouw rollen over de grond heen en weer. De man houdt de vrouw in de houdgreep op de grond. De man houdt zijn rechterarm tegen de borst/keel van de vrouw en houdt zijn linkerarm tussen de bovenbenen van de vrouw. De vrouw probeert uit de houdgreep van de man te komen. [10] De vrouw belandt op haar rug, de man zit op zijn knieën aan de rechterkant van de vrouw zit en drukt met beide armen op het bovenlichaam van de vrouw. De man komt met zijn bovenlichaam naar beneden. Zijn beide armen blijven gestrekt. Er komt een getuige aanfietsen. De man komt van de vrouw af en laat de vrouw los. [11]
het hof begrijpt: angst in haar ogen). Hij had haar vast, ze probeerde los te komen. Hun hoofden waren niet ver van elkaar af. De vrouw keek mij met grote verschrikte ogen aan. [17] De man sprong overeind en verdween om de hoek. [18]
contra-indicaties is het hof in dit verband niet gebleken.
6.Bewezenverklaring
hij op
of omstreeks19 juni 2022 te [plaats]
, althans in Nederland,opzettelijk [benadeelde partij 1] wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd
en/of beroofd gehouden,door
/ofop de grond te trekken
/gooienen
/of
/ofwegrende,
althans weg probeerde te rennen, (met kracht
)op de grond te duwen en
/of
te gaan zitten en/ofte gaan liggen en
/of (vervolgens
)bovenop het lichaam van die [benadeelde partij 1]
te blijven zitten en/ofte blijven liggen en
/of
, althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking;
hij op
of omstreeks19 juni 2022 te [plaats]
, althans in Nederland,[benadeelde partij 1] heeft bedreigd met
verkrachting, en/of feitelijke aanranding van de eerbaarheid, en/ofenig misdrijf tegen het leven gericht
en/of gijzelingen/of zware mishandeling, door
/ofop de grond te trekken/gooien en
/of
/ofwegrende,
althans weg probeerde te rennen, (met kracht
)op de grond te duwen en
/of
te gaan zitten en/ofte gaan liggen en
/of (vervolgens
)bovenop het lichaam van die [benadeelde partij 1]
te blijven zitten en/ofte blijven liggen en
/of
, althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking;
hij op
of omstreeks19 juni 2022 te [plaats]
, althans in Nederland,[benadeelde partij 1] heeft mishandeld door
/ofop de grond te trekken/gooien en
/of
/ofwegrende
, althans weg probeerde te rennen, (met kracht
)op de grond te duwen en
/of
te gaan zitten en/ofte gaan liggen en
/of (vervolgens
)bovenop het lichaam van die [benadeelde partij 1]
te blijven zitten en/ofte blijven liggen en
/of
, althans woorden van gelijke (dreigende) aard en/of strekking;
hij op
of omstreeks19 juni 2022 te [plaats]
, althans in Nederland,ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [benadeelde partij 2] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen
/of
/of
terwijl zij wegrende,meermalen
, althans eenmaal, (met kracht
)op de grond heeft geduwd
/getrokken/gegooiden
/of
en/of is gaan liggenen
/of (vervolgens
)bovenop het lichaam van die [benadeelde partij 2] is blijven zitten
en/of is blijven liggenen
/of
/of
/of(met kracht)
in de nek van die [benadeelde partij 2] heeft geknepen en/ofde keel van die [benadeelde partij 2] heeft dichtgeknepen
7.Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
8.Strafbaarheid van verdachte
- een Pro Justitia rapport van het Pieter Baan Centrum (PBC) van 27 maart 2023, opgesteld door GZ-psycholoog T ’t Hoen en psychiater A.Z. Botermans;
- een reclasseringsrapport van 8 augustus 2023, opgesteld door reclasseringswerker M. van Norde;
- een aanvullend Pro Justitia rapport van 20 oktober 2025, opgesteld door
- een reclasseringsrapport van 11 februari 2026, opgesteld door reclasseringswerker G. Porte.
9.Oplegging van straf en/of maatregel
ex-vriendin. Het hof weegt in strafverzwarende zin mee dat verdachte eerder dus (excessief) geweld heeft gebruikt tegen vrouwen. Bovendien was verdachte ten tijde van het plegen van onderhavige feiten voorwaardelijk in vrijheid gesteld na het uitzitten van tweederde deel van de in die zaak opgelegde gevangenisstraf. Hij liep nog in een proeftijd met een forse waarschuwing boven zijn hoofd. Kennelijk heeft verdachte zich hierdoor niet laten weerhouden opnieuw gewelddadig tegen vrouwen te zijn.
strafbaarheid van verdachte’uiteengezet zijn over de persoon van de verdachte meerdere rapportages uitgebracht. Geprobeerd is meer inzicht te krijgen in de persoonlijkheid van verdachte, in zijn gevoelsleven en in de vraag waarom hij de bewezenverklaarde feiten heeft gepleegd. Verdachte heeft er voor gekozen zijn medewerking aan onderzoeken naar zijn persoonlijkheid consequent te weigeren. Ook een door het Openbaar Ministerie in gang gezette procedure ter doorbreking van het medisch beroepsgeheim om meer inzichten te kunnen krijgen, heeft geen antwoorden opgeleverd.
oftewel: 6,5 jaren) in beginsel passend en geboden. Daarbij heeft het hof er rekening mee gehouden dat sprake is van eendaadse samenloop.
oftewel: 6 jaren) opleggen. De tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, zal op de gevangenisstraf in mindering worden gebracht.
10.Vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen
- € 11.077,00 aan inkomstenderving (waarvan € 6403,00 tot en met 2023 en
- € 907,20 aan reiskosten naar de psycholoog (waarvan € 887,40 in 2023 en 2024 en € 19,80 in 2025),
- € 30,00 aan reiskosten voor het ophalen van [benadeelde partij 2] van haar werk op 19 juni 2022,
- € 3.258,00 aan kosten voor het huren van een parkeerplaats,
- € 3.977,02 aan ziektekosten voor behandeling door een psycholoog (waarvan
- € 1.000,00 aan kosten wegens gemiste examens,
- € 160,00 aan kosten voor concertkaarten,
- € 250,00 aan kosten voor de aanschaf van nieuwe kleding, en
- € 91,78 aan kosten voor het opvragen van medische informatie.
- € 1.783,62 aan inkomstenderving,
- € 842,24 aan ziektekosten (waarvan € 195,00 aan kosten voor fysiotherapie,
- € 46,30 aan contributie voor zaalhockey, en
- € 22.725,00 aan kosten wegens studievertraging.
niet-ontvankelijk worden verklaard.
(€ 2.885,27 + € 198,50) voor individuele psychologische behandelingen is voldoende onderbouwd en is niet betwist. Het hof zal deze gevorderde zorgkosten daarom toewijzen. Ten aanzien van de gevorderde kosten voor relatietherapie in 2024 en 2025 overweegt het hof echter het volgende.
Kamerstukken II, 1989-1990, 21 345, nr. 3, p. 33).
[benadeelde partij 1]te betalen schade stelt het hof het volgende vast.
(€ 195,00) wordt de wettelijke rente bepaald aan de hand van de datum van de betalingsherinnering, te weten 4 april 2023.
(€ 262,24) bepaald op de datum van het declaratieoverzicht, te weten 26 juli 2023.
(€ 385,00) bepaald op het midden van de periode waarin de schade is ontstaan, te weten 1 januari 2025.
[benadeelde partij 2]te betalen schade stelt het hof het volgende vast.
11.Vordering herroeping voorwaardelijke invrijheidstelling
13.Wetsartikelen
gevangenisstrafvoor de duur van
72 (tweeënzeventig) maanden.
- voor de duur van 5 jaren op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [benadeelde partij 2] , geboren op [geboortedatum 2] , en [benadeelde partij 1] , geboren op [geboortedatum] ;
- voor de duur van 5 jaren - zich niet zal ophouden in de stad [plaats] , met uitzondering van station [plaats] Centraal, binnen de toegangspoorten van het station en de perrons of in de trein.
€ 30.397,16 (dertigduizend driehonderdzevenennegentig euro en zestien cent) bestaande uit € 25.397,16 (vijfentwintigduizend driehonderdzevenennegentig euro en zestien cent) materiële schade en € 5.000,00 (vijfduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
- 1 augustus 2022 over een bedrag van € 1.783,62;
- 1 januari 2023 over een bedrag van € 22.725,00;
- 4 april 2023 over een bedrag van € 241,30;
- 26 juli 2023 over een bedrag van € 262,24;
- 1 januari 2025 over een bedrag van € 385,00;
€ 20.489,75 (twintigduizend vierhonderdnegenentachtig euro en vijfenzeventig cent) bestaande uit € 15.489,75 (vijftienduizend vierhonderdnegenentachtig euro en vijfenzeventig cent) materiële schade en € 5.000,00 (vijfduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
- 19 juni 2022 over een bedrag van € 300,00;
- 23 maart 2023 over een bedrag van € 91,78;
- 1 september 2023 over een bedrag van € 4.020,97;
- 1 januari 2024 over een bedrag van € 11.077,00;
99-000115-25 toe en gelast dat het gedeelte van de bij arrest van Gerechtshof Amsterdam van 22 oktober 2010 onder parketnummer 23-001215-09 opgelegde vrijheidsstraf dat als gevolg van de toepassing van de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling niet ten uitvoer is gelegd, alsnog geheel wordt ondergaan, te weten: een gevangenisstraf voor de duur van 1.825 dagen.