Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep (met grieven)
- de incidentele antwoordconclusie, tevens memorie van antwoord en (voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep
- de memorie van antwoord in het (voorwaardelijk) incidenteel hoger beroep en repliek in het incident
- de brieven van mr. Beumer van 8 juni 2026 met producties
- het verslag (proces-verbaal) van de mondelinge behandeling met gesloten deuren die op 10 juni 2026 is gehouden.
2.De kern van de zaak
[appellante] woont op dit moment in [plaats2] , terwijl [geïntimeerde] in [woonplaats2] woont. [appellante] heeft aangegeven misschien te willen verhuizen, maar zij zal in de omgeving van [plaats2] blijven.
Wij beseffen dat een verhuizing ingrijpend is voor ons kind en gevolgen kan hebben voor de afspraken over de zorg voor ons kind. Als een van ons van plan is om te gaan verhuizen, zullen we dit op tijd met elkaar bespreken. We beseffen dat we het allebei eens moeten zijn over de voorgenomen verhuizing en de gevolgen ervan en dat daarvoor dus toestemming van de ander voor nodig is.
Wij verdelen de zorg en opvoeding van [de minderjarige] volgens het vaste schema als onderdeel uitmaakt van dit plan onder bijlage 1.
We spreken af dat [geïntimeerde] elke week op woensdagmiddag 13:00 uur een face-time contact zal hebben met [de minderjarige] . [geïntimeerde] zal de telefoon van [appellante] bellen en [appellante] zal ervoor zorgen dat [de minderjarige] beschikbaar is om met [geïntimeerde] te face-timen.
Belangrijke beslissingen over [de minderjarige] nemen wij samen, nadat we met elkaar hebben overlegd.
primairdat de moeder wordt verboden met [de minderjarige] te verhuizen, althans buiten een straal van vijf kilometer buiten de huidige woonplaats, met daaraan verbonden een dwangsom van € 50.000 als zij het verbod overtreedt,
subsidiairvoorlopige toevertrouwing van [de minderjarige] aan hem.