Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2026:4208

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
6 mei 2026
Publicatiedatum
26 juni 2026
Zaaknummer
21-002193-25
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beslissing RC
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 105 SvArt. 37a lid 6 e.v. Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Raadsheer-commissaris weigert verstrekking medische gegevens wegens privacybelang verdachte

In deze strafzaak heeft de raadsheer-commissaris een beslissing genomen over de inbeslagname en verstrekking van medische gegevens van verdachte. De medische informatie werd verstrekt naar aanleiding van een vordering ex artikel 105 Sv Pro, maar de inhoud is niet aan het hof, de advocaat-generaal of de verdediging verstrekt vanwege het medisch beroepsgeheim en het verschoningsrecht van de betrokken geheimhouders.

De raadsheer-commissaris heeft onderzocht of de inbeslagneming op een juiste wettelijke grondslag is gebaseerd en concludeert dat deze mogelijk is, mede omdat het kan bijdragen aan het vaststellen van een rechtvaardigingsgrond of schulduitsluitingsgrond, zoals toerekeningsvatbaarheid of psychische stoornis.

Echter, bij de belangenafweging weegt het belang van verdachte bij bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer en het medisch beroepsgeheim zwaarder dan het belang van verdere verspreiding van de gegevens. Er is geen dwingende algemene belang, zoals veiligheid van derden, die verstrekking rechtvaardigt. Daarom wijst de raadsheer-commissaris het verzoek van de advocaat-generaal af om de medische stukken aan het dossier toe te voegen.

Uitkomst: De raadsheer-commissaris weigert de verstrekking van medische gegevens vanwege het zwaarwegende privacybelang van verdachte.

Uitspraak

Parketnummer: 21-002193-25

In de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedag] 1988
wonende te [adres]
overweegt en beslist de raadsheer-commissaris als volgt.
Bij brief van 23 juni 2025 heeft de directeur Zorg en Behandeling van de PI [locatie] medische informatie verstrekt met betrekking tot verdachte naar aanleiding van de vordering van de rechter-commissaris ex. art. 105 Sv Pro tot inbeslagneming van – kort gezegd – de medische gegevens van verdachte.
De informatie is inhoudelijk bekend bij de coördinerend raadsheer-commissaris, maar is niet aan het hof, de AG, de verdediging of verdachte verstrekt.
De inhoud van de ontvangen gegevens weegt de raadsheer-commissaris mee in zijn beslissing. Vanwege de aard van deze gegevens zal op dit onderdeel de afweging niet verder inzichtelijk worden gemaakt.
De ontvangen informatie is afkomstig van anderen dan de directeur die de informatie heeft verstrekt. Die anderen betreffen geheimhouders. Hen komt een verschoningsrecht toe. Uit het begeleidend schrijven blijkt niet of de geheimhouders zelf op de hoogte zijn van het verstrekken van de informatie of dat zij in de gelegenheid zijn geweest zich een oordeel te vormen over het inroepen van hun verschoningsrecht en of de informatie al dan niet met toestemming van verdachte is verstrekt.
Navraag hieromtrent namens de raadsheer-commissaris heeft op dit punt geen duidelijk gegeven.
De vraagt ligt voor of de onderliggende vordering op de juiste grondslag is gebaseerd.
De raadsheer-commissaris overweegt dat inbeslagneming van voorwerpen onder meer mogelijk is om de waarheid aan de dag te brengen. Uit de literatuur volgt dat hierbij ook gedacht kan worden aan het beantwoorden van de vraag of er een rechtvaardigings- of schulduitsluitingsgrond is.
De advocaat-generaal heeft in deze procedure het oog op informatie die kan bijdragen aan de beoordeling van de toerekeningsvatbaarheid en/of het vaststellen van een eventuele psychische stoornis ten tijde van het tenlastegelegde.
De raadsheer-commissaris zal de onduidelijkheid t.a.v. het al dan niet inroepen van het verschoningsrecht en/of het wel of niet instemmen door verdachte met de verstrekking niet ten nadele van verdachte uitleggen. De raadsheer-commissaris gaat derhalve uit van de situatie dat de geheimhouders zich wel op hun verschoningsrecht wensen te beroepen ten aanzien van de door de raadsheer-commissaris ontvangen informatie, aangezien het tijdsbestek tot aan de inhoudelijke behandeling te kort is om hier nader onderzoek naar te doen.
De raadsheer-commissaris overweegt dat zowel de AG als de verdediging hebben aangegeven ten aanzien van de bevoegdheidsvraag dat zij een beslissing van de raadsheer-commissaris wensen en hem dus bevoegd achten.
De raadsheer-commissaris is van oordeel dat de inbeslagneming zoals die is geschied mogelijk is. Het is thans aan de raadsheer-commissaris om een belangenafweging te maken ten aanzien van de vraag of de ontvangen informatie aan het hof, en daarmee aan de AG en de verdediging, verstrekt dient te worden.
De raadsheer-commissaris slaat hierbij acht op de procedure van artikel 37a lid 6 e.v. Sv. Die procedure sluit op zich de wijze van beslaglegging zoals in deze zaak is gebeurd niet uit. De invoering van die procedure onderstreept wel het belang dat de wetgever hecht aan bescherming van een verdachte tegen het gebruik van persoonsgegevens betreffende zijn gezondheid.
De raadsheer-commissaris slaat verder acht op het vertrouwen dat verdachte mocht en mag hebben ten aanzien van de geheimhouding van de betreffende gegevens, alsmede de met doorbreking van het medisch beroepsgeheim gepaard gaande schade aan het vertrouwen in de medische stand.
De raadsheer-commissaris slaat acht op de inhoud van de ontvangen stukken.
Alles afwegende is de raadsheer-commissaris van oordeel dat in dit geval het belang van verdachte bij bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer zwaar weegt, terwijl in dit geval niet een dwingende eis in het algemeen belang, daaronder begrepen het belang van de veiligheid van de ex-partner en kinderen van verdachte, bestaat bij verdere verspreiding van de ontvangen gegevens.
Beslissing:
De raadsheer-commissaris wijst af het verzoek van de advocaat-generaal om over te gaan tot verstrekking en voeging van de medische stukken aan het dossier.
Arnhem, 6 mei 2026
De griffier, De raadsheer-commissaris,
M.A. Hagemans mr. R.D.J. Visschers