ECLI:NL:GHARL:2026:4695
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- L.G.J.M. van Ekert
- D.R. Sonneveldt
- M. Nooijen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak vernieling schilderijen wegens onvoldoende bewijs en onduidelijke datering
De verdachte was door de politierechter veroordeeld voor het vernielen van schilderijen van de benadeelde, waarbij een taakstraf en vervangende hechtenis werden opgelegd. In hoger beroep heeft het hof het vonnis vernietigd omdat het bewijs onvoldoende was om de tenlastegelegde vernieling te bewijzen.
Het hof kon niet vaststellen wanneer de beschadigingen aan de schilderijen waren ontstaan en wanneer de verdachte zich in de ruimtes met de schilderijen had bevonden. Hoewel er een DNA-profiel van de verdachte op een schilderdoos was aangetroffen, ontbrak het aan bewijs over de periode van aankoop en aanwezigheid. Getuigenverklaringen wezen erop dat de beschadigingen mogelijk al voor de ten laste gelegde periode bestonden en dat meerdere personen toegang hadden tot de ruimtes.
De enkele constatering van rancuneus motief door de verbalisant was onvoldoende om opzet aan te nemen. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde werd afgewezen omdat de vernieling niet bewezen kon worden. Het hof veroordeelde de benadeelde partij in de proceskosten van de verdachte, begroot op nihil.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van vernieling wegens onvoldoende bewijs en onduidelijke datering van beschadigingen.