ECLI:NL:GHARN:1994:AA4033
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.C. Smit
- W.J.N.M. Nijman
- Wolt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling woonschip als gemeubileerde woning voor woonforensenbelasting
In deze zaak stond centraal de vraag of het woonschip van belanghebbende, dat hij in 1988 tot zijn beschikking had in de gemeente, kon worden aangemerkt als een gemeubileerde woning in de zin van de Verordening woonforensenbelasting van die gemeente.
Belanghebbende voerde aan dat zijn woonschip niet voldeed aan de vereisten van een woning, onder meer vanwege onvoldoende verwarming en het feit dat hij er geen hoofdverblijf hield. Het hof stelde vast dat het schip een betonnen onderbak met houten opbouw had, voorzien van woonruimten, keukenhoek, twee slaapkamers, isolatie, aansluiting op elektriciteit en waterleiding, en een toilet met waterspoeling.
Het hof oordeelde dat het woonschip bestemd en geschikt was voor duurzame menselijke bewoning, ook al was het niet in alle jaargetijden volledig bruikbaar. Het arrest van de Hoge Raad uit 1962 werd als leidraad genomen, waarin werd bepaald dat woonschepen onder het begrip gemeubileerde woning kunnen vallen. Het beroep van belanghebbende werd daarom verworpen en de aanslag woonforensenbelasting gehandhaafd.
Daarnaast werd belanghebbende in het gelijk gesteld wat betreft vergoeding van het griffierecht, omdat hij zich op een eerdere uitspraak van het hof te Leeuwarden kon beroepen. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 19 oktober 1994 te Arnhem.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt dat het woonschip als gemeubileerde woning geldt en handhaaft de woonforensenbelastingaanslag.