ECLI:NL:GHARN:1995:AA4668
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D.C. Smit
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting wegens aanmerkelijk belangverlies na aandelenafstempeling
Belanghebbende bezat een aanmerkelijk belang in een B.V. waarvan het aandelenkapitaal in 1986 werd afgestempeld en herverdeeld. Na de afstempeling en kapitaalverhoging ontstond een nieuw financieel begin voor de vennootschap. Belanghebbende verkocht later zijn aandelen voor een bedrag ver beneden de nominale waarde.
De inspecteur weigerde het verlies uit aanmerkelijk belang te erkennen, stellende dat de minimumregel van artikel 39, vijfde lid, Wet op de inkomstenbelasting 1964, de waardering op het gestorte kapitaal beperkt. Belanghebbende stelde dat de afstempeling en de nieuwe kapitaalstructuur in aanmerking moesten worden genomen.
Het hof oordeelde dat de minimumregel ook na afstempeling toegepast moet worden op het gestorte kapitaal ten tijde van de vervreemding. Het feit dat de afstempeling plaatsvond voordat belanghebbende een aanmerkelijk belang had, doet hier niet aan af. Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, verminderde de aanslag tot nihil en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting voor 1991 wordt verminderd tot nihil wegens erkend aanmerkelijk belangverlies na aandelenafstempeling.