ECLI:NL:GHARN:1996:AA1192
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.W.M. van der Waerden
- J.B.H. Röben
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek voorbelasting bodemonderzoek bij aankoop grond voor bestemmingsplannen
De gemeente X kocht grond aan in het kader van ruimtelijke ordening en liet bij vermoedens van bodemverontreiniging bodemonderzoeken uitvoeren. Deze kosten werden gemaakt om de aankoopprijs juist te bepalen en later ook gebruikt bij het opstellen van bestemmingsplannen.
De vraag was of de aftrek van voorbelasting op deze bodemonderzoekskosten terecht was. Het hof oordeelde dat het recht op aftrek ontstaat bij de aanschaf en dat de omvang van het aftrekrecht moet worden beoordeeld aan de hand van het vermoedelijke gebruik. Bij feitelijk gebruik in de niet-belaste sfeer moet een herziening plaatsvinden.
De inspecteur had een deel van de voorbelasting nageheven omdat de bodemonderzoeken ook werden gebruikt voor het opstellen van bestemmingsplannen, waarbij de gemeente niet als ondernemer optreedt. Het hof vond deze gedeeltelijke naheffing redelijk en verwierp het standpunt van de gemeente dat geen belasting verschuldigd zou zijn bij gebruik in de niet-belaste sfeer.
Ook verwierp het hof het standpunt van de inspecteur dat de volledige voorbelasting had moeten worden nageheven. Wel moet in toekomstige tijdvakken in redelijkheid worden bepaald welk deel van de voorbelasting te veel is afgetrokken.
Het beroep van de gemeente werd niet gegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente werd afgewezen en de gedeeltelijke naheffing van voorbelasting bevestigd.