ECLI:NL:GHARN:1998:AA1303
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.E. Haas
- Rechtspraak.nl
Vermindering waterschapsaanslag wegens onjuiste waardering ongebouwde aanhorigheden
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag waterschapsomslagen 1994 opgelegd door het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap Wold en Wieden. De aanslag betrof zowel gebouwde als ongebouwde onroerende zaken, waaronder percelen die volgens belanghebbende onterecht dubbel werden belast.
Na handhaving van de aanslag door het college, stelde belanghebbende beroep in bij het Gerechtshof Arnhem. Tijdens de mondelinge behandeling was belanghebbende niet aanwezig, het college werd gehoord. Het geschil betrof de vraag of de ongebouwde aanhorigheden als aparte objecten belast mochten worden naast de gebouwde onroerende zaak waartoe zij behoren.
Het hof oordeelde dat de ongebouwde percelen deel uitmaken van de gebouwde onroerende zaak en niet als afzonderlijke ongebouwde eigendommen in de aanslag meegenomen mochten worden. Hierdoor werd de aanslag verminderd tot alleen de waarde van de gebouwde onroerende zaak. De uitspraak van het college werd vernietigd en het griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Het hof vernietigt de uitspraak van het college en vermindert de aanslag tot ƒ 150,28 wegens onjuiste dubbele heffing van ongebouwde aanhorigheden.