ECLI:NL:GHARN:1998:AA1305
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- Matthijssen
- Röben
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt naheffingsaanslag overdrachtsbelasting bij niet-gelijke behandeling samenwonenden
Belanghebbende was eigenaar van een woning die zij deels verkocht aan haar partner met wie zij samenwoonde, maar niet gehuwd was. De inspecteur legde een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op omdat de vrijstelling voor gezamenlijke verkrijging bij verdeling van een huwelijksgemeenschap niet van toepassing was.
Belanghebbende stelde dat zij werd gediscrimineerd ten opzichte van gehuwde samenwonenden en voerde aan dat er sprake was van een affectieve relatie die gelijkgesteld zou moeten worden met een huwelijk. De Commissie gelijke behandeling oordeelde echter dat de inspecteur niet in strijd met de wet had gehandeld.
Het hof oordeelde dat de situatie van belanghebbende en haar partner niet gelijkgesteld kon worden met die van gehuwden in gemeenschap van goederen, mede vanwege het ontbreken van een volledige vermogensrechtelijke gemeenschap. De vrijstelling was daarom niet van toepassing en er was geen sprake van verboden ongelijke behandeling. Het beroep werd ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag bevestigd.