ECLI:NL:GHARN:1999:AA1456
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Lamens
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslagen onroerende-zaakbelastingen na bestemmingswijziging verzorgingshuis
Belanghebbende, eigenaar van een complex dat oorspronkelijk als verzorgingshuis diende, maakte bezwaar tegen de aanslagen onroerende-zaakbelastingen voor 1995 opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente.
Het geschil betrof de vraag of sprake was van een bestemmingswijziging en welke waarde als heffingsgrondslag moest worden gehanteerd: de vervangingswaarde of de waarde in het economische verkeer. Het college handhaafde de aanslagen op basis van de vervangingswaarde.
Het hof stelde vast dat de verzorging in 1994 was gestaakt en dat het complex vanaf dat moment niet langer bestemd was voor de verzorging van zieken en bejaarden. Hierdoor was sprake van een bestemmingswijziging conform de Verordening onroerend-goedbelastingen.
Het hof oordeelde dat de waarde in het economische verkeer per 1 januari 1990 bij gewijzigde bestemming bepalend is en dat de aanslagen daarom moesten worden verminderd. De waarde werd vastgesteld op ƒ 6.091.000, wat leidde tot een lagere aanslag van ƒ 10.689. Tevens werd het college veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De aanslagen onroerende-zaakbelastingen werden verminderd tot een waarde van ƒ 6.091.000 en het college werd veroordeeld in de proceskosten.