ECLI:NL:GHARN:1999:AA4759
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek verhuiskosten arts bij aanvaarding nieuwe dienstbetrekking
Belanghebbende, een arts, verhuisde in 1996 vanwege een nieuwe dienstbetrekking van haar studentenkamer naar een appartement en bracht daarbij ook goederen over vanuit haar ouderlijk huis. Zij gaf in haar aangifte een bedrag van €9.596,79 aan verhuiskosten op, waarvan slechts €2.618,96 door haar werkgever werd vergoed. De inspecteur erkende slechts het forfaitaire bedrag van €2.507 aan beroepskosten.
Het geschil betrof de vraag of de volledige verhuiskosten aftrekbaar waren van haar inkomsten uit dienstbetrekking. Op grond van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 zijn onder voorwaarden herinrichtingskosten aftrekbaar, met een maximum van 12% van de jaarinkomsten en maximaal €12.000.
Het hof stelde vast dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat haar aftrekbare verhuiskosten hoger waren dan €3.074,70, bestaande uit de vergoeding van haar werkgever plus het verschil tussen het forfaitaire bedrag en de overige beroepskosten. Kosten van eerste inrichting werden niet tot herinrichtingskosten gerekend.
Daarom verklaarde het hof het beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de inspecteur. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende op aftrek van verhuiskosten werd ongegrond verklaard en de beslissing van de inspecteur bevestigd.