ECLI:NL:GHARN:2000:AA7119
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging waardevaststelling WOZ-waarde woning ondanks bezwaar gelijkheidsbeginsel
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waardebeschikking van zijn woning, gelegen aan de a-straat 1 te Z, met peildatum 1 januari 1995. De Ambtenaar stelde de waarde aanvankelijk op ƒ 508.000,-, maar corrigeerde dit later naar ƒ 430.000,-, ondersteund door een taxatierapport van een gediplomeerd WOZ-taxateur.
Belanghebbende erkende dat de waarde niet hoger was dan de economische waarde, maar stelde dat de waarde op ƒ 350.000,- moest worden vastgesteld vanwege vermeende te lage waardering van vergelijkbare panden aan de Praetoriumstraat. Hij voerde een beroep op het gelijkheidsbeginsel aan, stellende dat er sprake was van begunstigend beleid of fouten in waardering.
Het Hof oordeelde dat niet was gebleken dat de Ambtenaar een begunstigend beleid voerde of dat er een oogmerk van begunstiging was. Ook werd niet aannemelijk gemaakt dat de waardering van het pand van de burgemeester te laag was vastgesteld. Hoewel de Ambtenaar erkende dat bij drie panden een fout was gemaakt, was dit onvoldoende om te concluderen dat een juiste waardering bij een meerderheid van vergelijkbare panden ontbrak.
Daarom faalde het beroep op het gelijkheidsbeginsel en werd het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard. Het Hof bevestigde de bestreden uitspraak en legde geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de WOZ-waarde van de woning op ƒ 430.000,- en wijst het beroep op het gelijkheidsbeginsel af.