ECLI:NL:GHARN:2000:AA7465
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde wegens bodemverontreiniging bij woning in R.
Belanghebbende is eigenaar van een woning in R. De Ambtenaar stelde de WOZ-waarde per 1 januari 1995 vast op ƒ 913.000, zonder rekening te houden met bodemverontreiniging. Belanghebbende voerde aan dat de bodem en het grondwater verontreinigd waren door een ondergrondse olietank en dat de waarde daarom met ƒ 220.000 moest worden verminderd.
Het Hof oordeelde dat de aanwezigheid van de olietank inderdaad bodemverontreiniging veroorzaakte die op de peildatum al bestond. Voor de waardebepaling is het niet relevant of de verontreiniging toen bekend was. Omdat de omvang en concentratie van de verontreiniging en de saneringskosten niet voldoende waren onderbouwd, stelde het Hof de waardevermindering vast op ƒ 8.000, de contante waarde van de toekomstige saneringsverplichting.
Het Hof vernietigde de beschikking van de Ambtenaar en stelde de WOZ-waarde vast op ƒ 905.000. Tevens werd belanghebbende het griffierecht van ƒ 80 vergoed. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken wegens onvoldoende bewijs van kosten.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt verminderd tot ƒ 905.000 wegens bodemverontreiniging.