ECLI:NL:GHARN:2000:AA8335

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
26 oktober 2000
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
98/3278
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • N.E. Haas
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 17 lid 2 Wet waardering onroerende zakenArt. 5a Wet administratieve rechtspraak belastingzaken
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bestendiging WOZ-waarde bovenwoning in monumentale villa als kerkelijk centrum

Deze zaak betreft een beroepsprocedure tegen een waardebeschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) voor de jaren 1997 tot en met 2000. Het object is een ruime bovenwoning in een monumentale villa die tevens als kerkelijk centrum wordt gebruikt. De waarde was vastgesteld op €175.000 per 1 januari 1994.

Belanghebbende, een kerkgenootschap, voerde aan dat de WOZ-waarde te hoog was, verwijzend naar lagere WOZ-waarden van vergelijkbare appartementen en bovenwoningen in de buurt. De ambtenaar onderbouwde de waarde met een taxatierapport van een erkend taxateur, dat dezelfde waarde als de beschikking vermeldde.

Het hof oordeelde dat het standpunt van belanghebbende onvoldoende onderbouwd was met objectieve gegevens en dat de ambtenaar terecht rekening had gehouden met beperkingen door het kerkelijk gebruik van de begane grond. Het beroep werd ongegrond verklaard en de beschikking bevestigd.

Proceskosten werden niet toegewezen omdat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren. De uitspraak werd mondeling gedaan op 26 oktober 2000 door het Gerechtshof Arnhem.

Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waardebeschikking wordt ongegrond verklaard en de waarde van €175.000 bevestigd.

Uitspraak

WS
Gerechtshof Arnhem
derde enkelvoudige belastingkamer
nr. 98/3278
Proces-verbaal mondelinge uitspraak
belanghebbende : kerkgenootschap X gemeente Y
te : Z
ambtenaar : de heffingsambtenaar van de gemeente P (hierna: de ambtenaar)
aangevallen beslissing : uitspraak op bezwaarschrift tegen waardebeschikking (artikel 22 Wet Pro waardering onroerende zaken; hierna te noemen: woz)
tijdvak : jaren 1997 tot en met 2000
mondelinge behandeling : op 12 oktober 2000 te Arnhem door mr N.E. Haas, vice-president, in tegenwoordigheid van mr Snoijink als griffier
waarbij verschenen : belanghebbende bij monde van haar ouderling-kerkvoogd A en haar gemachtigde B, kantoor houdende te Z, alsmede de ambtenaar
gronden:
1. De onderhavige beroepszaak is er één van de vier - bij het hof bekend onder de nummers 98/3276, 98/3277, 98/3278 en 98/3279 - die in samenhang met elkaar zijn behandeld.
2. De voormelde beschikking nr. 2748 betreft de onroerende zaak plaatselijk bekend a-straat 1 (hierna: het object). Bij de aangevallen uitspraak is de naar de peildatum, 1 januari 1994, vastgestelde waarde van het object gehandhaafd op ¦ 175 000.
3. Het object bestaat uit een ruime bovenwoning van twee verdiepingen met totale inhoud van ± 1 000 m³, waarvan ± 300 m³ zolderruimte is. De bovenwoning maakt deel uit van een onder monumentenzorg staande villa uit ± 1770, gelegen in het centrum van Z naast de X-kerk. De begane grond van de villa alsmede de haaks op de achterzijde ervan gebouwde nieuwe vleugel zijn bij belanghebbende in gebruik als kerkelijk centrum. De begane grond wordt mede aangewend als rouwcentrum. De plafondhoogte van het object beloopt ± 4 meter.
4. Ingevolge artikel 17, tweede lid, van de woz wordt de waarde bepaald op die welke aan de onroerende zaak dient te worden toegekend indien de volle en onbezwaarde eigendom daarvan zou kunnen worden overgedragen en de verkrijger de zaak in de staat waarin die zich bevindt, onmiddellijk en in volle omvang in gebruik zou kunnen nemen.
5. Tot staving van de door hem verdedigde waarde van ¦ 175 000 legt de ambtenaar een taxatierapport over dat op 31 maart 1999 is opgemaakt door C, taxateur o.z., werkzaam voor D B.V. te Q, dat uitkomt op hetzelfde bedrag.
6. Hiertegenover voert belanghebbende geen deskundigenrapport of ander objectief gegeven van vergelijkbaar gewicht aan. Zij grondt haar mening op de vastgestelde woz-waarden van ¦ 35 000 van appartementen aan de b-straat en van ¦ 72 000 van bovenwoningen aan de c-straat. Het standpunt van haar voormelde gemachtigde, die ter plaatse makelaar is, kan niet als deskundigenrapport of objectief gegeven in de vorenbedoelde zin gelden, omdat daarbij niet de bijzonderheden zijn vermeld die als waardebepalende factoren in aanmerking zijn genomen.
7. Belanghebbende wijst er terecht op en het hof acht op zichzelf aannemelijk, dat het gebruik van de begane grond als kerkelijk centrum beperkingen oplegt, maar maakt niet aannemelijk dat de ambtenaar met deze door hem erkende beperkingen bij de bepaling van de waarde onvoldoende rekening houdt.
8. Het gelijk is in dezen derhalve aan de ambtenaar. Het beroep is ongegrond.
proceskosten:
Voor een veroordeling in proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken vindt het hof geen termen aanwezig.
beslissing:
Het gerechtshof bevestigt de uitspraak van de ambtenaar.
Aldus gedaan en in het openbaar uitgesproken te Arnhem op 26 oktober 2000 door mr N.E. Haas, vice-president, lid van de derde enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van mr Snoijink als griffier.
Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.
De griffier, Het lid van de voormelde kamer,
(W.J.N.M. Snoijink) (N.E. Haas)
Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 31 oktober 2000
Het is mogelijk dat de mondelinge uitspraak wordt vervangen door een schriftelijke. Ieder van de partijen kan daar het gerechtshof om verzoeken binnen vier weken na de verzenddatum van het proces-verbaal van deze uitspraak.
Van de verzoeker wordt een griffierecht van ¦ 150 geheven.
Bij de vervanging van een mondelinge uitspraak mag het gerechtshof de gedane uitspraak niet aan een heroverweging onderwerpen.
Uitsluitend tegen een schriftelijke uitspraak van het gerechtshof staat beroep in cassatie open.