ECLI:NL:GHARN:2000:AE9786
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Houtman
- Smeeïng-Van Hees
- Hilverda
- Rechtspraak.nl
Afwijzing definitieve toelating schuldsaneringsregeling wegens niet-deugdelijke boekhouding en grote belastingschuld
X. en Y. zijn in hoger beroep gekomen tegen de vonnissen van de rechtbank Zutphen, waarin hun verzoek tot definitieve toepassing van de schuldsaneringsregeling werd afgewezen. Zij waren voorlopig toegelaten tot de regeling, maar de rechtbank oordeelde dat zij niet te goeder trouw waren geweest bij het ontstaan en het onbetaald laten van schulden.
De schulden van X. en Y. bedroegen in totaal Fl 170.312,40, waarvan Fl 152.371,-- aan de belastingdienst. Zij dreven een eenmanszaak en gaven aan weinig boekhoudkundige kennis te bezitten, waardoor zij de administratie aan hun accountant hadden toevertrouwd. Na een rapport van de belastingdienst werden zij geconfronteerd met navorderingsaanslagen en boetes, wat leidde tot financiële problemen.
Het hof oordeelt dat er onvoldoende redenen zijn om aan het rapport van de belastingdienst te twijfelen en wijst het verzoek af om een deskundige te benoemen. De administratie was niet volledig, wat de oorzaak is van de aanslagen. X. en Y. zijn zelf verantwoordelijk voor een goede boekhouding, ook als de accountant tekortkomingen niet heeft gesignaleerd. Gezien de omvang van de belastingschuld en het ontbreken van goede trouw wordt de definitieve toelating tot de schuldsaneringsregeling geweigerd.
Het hof bekrachtigt daarmee de vonnissen van de rechtbank Zutphen van 25 april 2000.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt de afwijzing van de definitieve toelating tot de schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende goede trouw en een grote belastingschuld.