ECLI:NL:GHARN:2001:AB3029
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M. van Schie
- T.J. Matthijsen
- F.J. Haas
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking WOZ wegens onjuiste objectafbakening
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een beschikking waardevaststelling ingevolge de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) voor de periode 1 januari 1997 tot en met 31 december 2000. Het geschil betrof de kwalificatie van een huisje waarvan belanghebbende de feitelijke gebruiker is. Het Hof overwoog dat het huisje als onroerend moest worden aangemerkt volgens het arrest van de Hoge Raad van 31 oktober 1997, maar dat belanghebbende geen genot had krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, conform het arrest van 20 september 2000.
Partijen waren het eens dat de beschikking van 3 juli 1998 moest worden vernietigd wegens een onjuiste objectafbakening. Het Hof besloot dienovereenkomstig en verklaarde het beroep gegrond. Daarnaast werd de Ambtenaar van de gemeente Haren veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende.
De uitspraak werd mondeling gedaan op 18 juli 2001 te Arnhem door het Gerechtshof Arnhem, tweede meervoudige belastingkamer. Tegen deze mondelinge uitspraak is geen beroep in cassatie mogelijk, tenzij deze wordt vervangen door een schriftelijke uitspraak op verzoek van een partij.
Uitkomst: De beschikking WOZ van 3 juli 1998 wordt vernietigd wegens onjuiste objectafbakening en de gemeente Haren wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.