ECLI:NL:GHARN:2002:AE1034
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wegens onjuiste opname in bedrijfsvoorraad
Belanghebbende, een onderneming die zich bezighoudt met de handel en verhuur van touringcars, kreeg een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting opgelegd voor het tijdvak 28 januari 1998 tot en met 27 januari 1999, inclusief een boete. De Inspecteur handhaafde deze aanslag na bezwaar. Tijdens de zitting stelde het Hof vast dat het motorrijtuig op 27 januari 1999 geparkeerd stond op een openbare doorgang en dat het voertuig op die dag uit de bedrijfsvoorraad was overgeschreven.
Het geschil betrof de vraag of het motorrijtuig terecht in de bedrijfsvoorraad was opgenomen en of de naheffingsaanslag terecht was opgelegd. Het Hof oordeelde dat het voertuig niet was verworven met het voornemen tot verkoop, maar voor verhuur werd gebruikt, waardoor het niet als handelsvoorraad kon worden aangemerkt. Hierdoor was de naheffingsaanslag op grond van het verkeerde wetsartikel en over een onjuist tijdvak opgelegd.
Vanwege het ontbreken van duidelijke gegevens over het juiste tijdvak en de aard van het gebruik van het voertuig, kon het Hof niet vaststellen of de belasting op correcte wijze was voldaan. Daarom vernietigde het Hof de naheffingsaanslag en de boetebeschikking en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en boetebeschikking worden vernietigd wegens onjuiste opname in de bedrijfsvoorraad en onjuist tijdvak.