ECLI:NL:GHARN:2002:AE1673
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Houtman
- Smeeïng-Van Hees
- Van den Heuvel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontruimingsvonnis ondanks geschil over huurbetaling en misbruik bevoegdheid
In deze zaak stond centraal de vraag of woningstichting Eigen Haard gerechtigd was om een flatwoning te ontruimen op basis van een vonnis van de kantonrechter. De huurder, geïntimeerde, voerde incidenteel appèl aan tegen het vonnis en stelde dat sprake was van misbruik van bevoegdheid en dat nieuwe feiten een onmiddellijke ontruiming onmogelijk maakten.
Het hof oordeelde dat geen sprake was van een evidente juridische of feitelijke misslag in het vonnis en dat de kantonrechter voldoende rekening had gehouden met de belangen van de huurder, waaronder het voorzienbare gevolg van dakloosheid. Nieuwe feiten die een noodtoestand zouden rechtvaardigen werden niet erkend, mede omdat de huurder ander onderdak had gevonden.
Wel werd vastgesteld dat Eigen Haard misbruik had gemaakt van haar bevoegdheid door ondanks integrale betaling van de huurschuld toch tot ontruiming over te gaan, mede door een miscommunicatie bij de deurwaarder. Desondanks kon het hoger beroep van Eigen Haard niet slagen omdat de eerste grief werd verworpen.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde beide partijen in de kosten van hun respectievelijke appèlen. Hiermee werd de ontruiming bevestigd, maar met erkenning van het misbruik van bevoegdheid door Eigen Haard.
Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis tot ontruiming ondanks misbruik van bevoegdheid door Eigen Haard en wijst het hoger beroep af.