ECLI:NL:GHARN:2002:AE4113
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.B.H. Röben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aftrek kinderopvangkosten voor uitzendkracht zonder erkenning
Belanghebbende, gehuwd met drie kinderen, huurde vanaf april 1998 een uitzendkracht in via een uitzendbureau voor naschoolse opvang van twee kinderen. De vraag was of deze opvang kwalificeerde als erkende kinderopvang volgens artikel 46, lid 1, onderdeel d, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964, en of belanghebbende mocht vertrouwen op de brochure 'Buitengewone lasten 1998' van de Belastingdienst.
Het hof oordeelde dat de opvang door de uitzendkracht niet als erkende kinderopvang kon worden aangemerkt omdat het uitzendbureau niet erkend was volgens de kwaliteitsregels van de Welzijnswet 1994. Ook het feit dat het uitzendbureau een ISO 9001-certificaat had en de uitzendkracht ervaring in de kinderopvangbranche bezat, was onvoldoende. De brochure kon niet zo worden uitgelegd dat zij vertrouwen gaf op aftrek voor niet-erkende opvang.
De overgangsregeling voor 1998 werd besproken, waarbij alleen opvang door erkende kindercentra of gastouderbureaus als fiscaal erkend geldt. Belanghebbendes beroep werd verworpen en het hof bevestigde de bestreden uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof Arnhem bevestigt de afwijzing van de aftrek van kosten voor opvang door een niet-erkende uitzendkracht.