ECLI:NL:GHARN:2002:AE5287
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek buitengewone lasten voor levensonderhoud arbeidsongeschikte zoon
Belanghebbende voerde in zijn aangifte inkomstenbelasting 1998 een bedrag van ƒ 5.400 aan buitengewone lasten op voor het levensonderhoud van zijn arbeidsongeschikte zoon die een Wajong-uitkering ontvangt. De Inspecteur weigerde deze aftrek. Belanghebbende stelde dat de totale kosten ƒ 14.777 bedroegen, waaronder kosten voor kleding, voeding, zakgeld, inwoning, energie en autokosten.
Het Hof overwoog dat alleen de extra kosten die voortvloeien uit het inwoning van de zoon en de extra autokosten in aanmerking komen, terwijl vaste gezinsuitgaven zoals woonlasten en vaste energiekosten niet aftrekbaar zijn. Na correcties bleef een aftrekbare last van ƒ 10.512,25 over.
Verder stelde het Hof vast dat het netto-inkomen van de zoon ter voorziening in eigen levensonderhoud ƒ 9.377,65 bedroeg en dat de aftrek alleen mogelijk is indien de kosten minstens ƒ 12.289,65 bedragen. Aangezien de opgevoerde kosten lager waren, wees het Hof het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende op aftrek van buitengewone lasten wegens levensonderhoud van zijn zoon wordt afgewezen.