ECLI:NL:GHARN:2002:AE7564
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.J. Matthijssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging waardering woonhuis voor stakingswinst bij duurzame zelfbewoning
Belanghebbende, geboren in 1956, bracht zijn woonhuis per 31 december 1994 over naar zijn privévermogen vanwege staking van zijn onderneming. De vrije waarde van het woonhuis werd door een ambtelijke taxateur vastgesteld op ƒ 220.000 (€ 99.831,65). De Inspecteur stelde de waarde voor de stakingswinstbepaling op 65% van deze waarde, rekening houdend met de waardedrukkende invloed van duurzame zelfbewoning.
Belanghebbende voerde aan dat op grond van het gelijkheidsbeginsel de waarde op 55% van de getaxeerde waarde moest worden gesteld, conform een beleidsregel die leeftijd en een percentage hanteert. De Inspecteur stelde dat zijn eenheid altijd een individuele benadering volgde en dat een lagere waardering dan 65% niet werd toegepast.
Het hof oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de Belastingdienst een voordeliger beleid voerde of dat een lagere waardering in de praktijk werd toegepast. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Tevens werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak van het hof bevestigde daarmee de eerdere uitspraak op bezwaar.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende op een lagere waardering van het woonhuis voor stakingswinst wordt afgewezen; de waarde blijft gesteld op 65% van de vrije waarde.