ECLI:NL:GHARN:2002:AE9085
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Schie
- Den Ouden
- drs. Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling diensttijdvrijstelling bij ambtsjubileumgratificatie en loonbelasting
Belanghebbende ontving een ambtsjubileumgratificatie van ƒ 6.550, waarvan ƒ 3.525 werd vrijgesteld op grond van de diensttijdvrijstelling volgens artikel 11 Wet Pro LB. Over het restant werd ƒ 1.118,27 aan loonbelasting ingehouden. Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze inhouding, stellende dat ook de WAO-uitkering en herplaatsingstoelage van de USZO bij het loon moesten worden gerekend om de vrijstelling te verhogen.
Het Hof stelde vast dat de uitkeringen van de USZO niet tot het loon uit dienstbetrekking behoren omdat deze niet door de werkgever, maar door een uitvoeringsinstelling worden verstrekt. De samenvoegingsregels zijn daarom niet van toepassing. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat situaties waarin uitkeringen via de werkgever lopen, niet gelijk zijn aan de situatie van belanghebbende.
Het Hof concludeerde dat de Inspecteur terecht het maandloon zonder de sociale uitkeringen in aanmerking heeft genomen voor de diensttijdvrijstelling. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de inhouding van loonbelasting over de niet-vrijgestelde gratificatie bevestigd.