ECLI:NL:GHARN:2002:AF1053
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Makkink
- Rijken
- Van Ginkel
- Rechtspraak.nl
Beperking aansprakelijkheid exoneratiebeding in ALIB-voorwaarden strijdig met redelijkheid en billijkheid
In deze civiele procedure staat centraal de vraag of het beroep van appellant op het exoneratiebeding in de ALIB-voorwaarden jegens geïntimeerde sub 2 in strijd is met de redelijkheid en billijkheid. Het exoneratiebeding beperkt de aansprakelijkheid tot 15% van de aanneemsom, terwijl de werkelijke schade aanzienlijk hoger is.
De aanneemsom bedroeg ƒ 95.000,- exclusief BTW, waardoor de aansprakelijkheid volgens het beding beperkt zou zijn tot ƒ 14.250,-. De brandschade veroorzaakt door een fout van de monteurs van appellant bedroeg echter ƒ 350.262,71, waarvan Interpolis als verzekeraar het grootste deel heeft vergoed. Geïntimeerde sub 2 bleef een bedrag van ƒ 24.000,- voor eigen rekening houden.
Het hof oordeelt dat het exoneratiebeding, gelet op de grote wanverhouding tussen de aansprakelijkheidsbeperking en de omvang van de schade, als uiterst nadelig voor geïntimeerde sub 2 moet worden aangemerkt. Daarbij weegt mee dat geïntimeerde sub 2 een kleine, beginnende ondernemer zonder relevante ervaring met algemene voorwaarden is. De omstandigheden en het ontbreken van overleg over risicoverdeling maken het beroep op het beding onredelijk.
Het hof vernietigt het eerdere vonnis voor zover daarin volledige aansprakelijkheid werd toegekend en verklaart dat appellant aansprakelijk is voor drie-vierde deel van de schade. De overige grieven worden ongegrond verklaard en het vonnis wordt voor het overige bekrachtigd.
Uitkomst: Appellant is aansprakelijk voor drie-vierde deel van de schade, exoneratiebeding wordt als onredelijk bezwarend verworpen.