ECLI:NL:GHARN:2002:AF1836
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Lamens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag omzetbelasting wegens gebrekkige administratie
Belanghebbende, een ondernemer ingeschreven sinds 1993, deed maandelijks aangifte omzetbelasting over de jaren 1993 tot en met 1996. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op vanwege vermoedens van valse inkoopfacturen en onjuiste aftrek van voorbelasting. Een FIOD-onderzoek bevestigde dat de administratie ernstige formele en materiële gebreken vertoonde, waaronder vervalste bankafschriften en gefingeerde buitenlandse verkopen.
Belanghebbende bestreed de correcties, maar kon geen overtuigende verklaring geven voor de verschillen in de administratie. Het hof oordeelde dat de Inspecteur voldoende onderzoek had gedaan en dat de bewijslast op belanghebbende rustte. Het hof vernietigde de bestreden uitspraak, verminderde de aanslag tot ƒ 68.550,- en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
De uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke administratie voor ondernemers en bevestigt dat bij ernstige gebreken in de administratie naheffingsaanslagen kunnen worden gehandhaafd, tenzij belanghebbende het tegendeel kan bewijzen.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt verminderd tot ƒ 68.550,- en de bestreden uitspraak vernietigd.