ECLI:NL:GHARN:2003:AF6674
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.B.H. Röben
- M.C.M. de Kroon
- J.P.M. Kooijmans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag vennootschapsbelasting na liquidatie en waardebepaling onroerend goed
Belanghebbende, een vennootschap die in 1998 werd geliquideerd, maakte bezwaar tegen een aanslag vennootschapsbelasting over 1996. De Inspecteur had een correctie toegepast op de waardering van een kantoorpand dat belanghebbende had verkocht aan haar enig aandeelhouder, waarbij de verkoopprijs lager was dan de werkelijke waarde.
Belanghebbende stelde dat na liquidatie geen aanslag meer kon worden opgelegd en dat de waarde van het pand correct was vastgesteld op basis van een taxatie en een huurcontract. De Inspecteur betoogde dat de waarde hoger was en dat sprake was van een bevoordeling van de aandeelhouder, wat een uitdeling van winst inhield.
Het Hof oordeelde dat de aanslag terecht was opgelegd omdat de vennootschap bleef bestaan voor vereffening en dat de verkoopprijs niet de waarde in het economische verkeer weerspiegelde. De waarde van de economische eigendom van het pand bedroeg ten minste ƒ 430.000, terwijl verkocht werd voor ƒ 350.000, wat een bevoordeling van ten minste ƒ 80.000 opleverde. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Inspecteur bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag vennootschapsbelasting wordt bevestigd.