ECLI:NL:GHARN:2003:AF8395
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- M. Mannoury
- J. Denie
- J. Koksma
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in hoger beroep vuurwerkramp Enschede wegens onvoldoende bewijs brandstichting
Op 13 mei 2000 vond in Enschede een zware vuurwerkontploffing plaats die 22 dodelijke slachtoffers maakte en grote materiële schade veroorzaakte. Verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk stichten van brand en/of veroorzaken van ontploffingen die tot deze ramp leidden. Het hof heeft het bewijs zorgvuldig gewogen, waaronder verklaringen van getuigen, technische onderzoeken van een rode sportbroek met vuurwerkresten, en gesprekken met een undercoveragent.
De verdediging voerde onder meer aan dat de inzet van de undercoveragent in de penitentiaire inrichting oneigenlijk was en dat het opsporingsonderzoek disproportioneel was. Het hof oordeelde dat de inzet van de undercoveragent op grond van artikel 126j Sv rechtmatig was en dat de opsporingsmethoden niet disproportioneel waren. Diverse aanwijzingen tegen verdachte, zoals aanwezigheid in het rampgebied en verklaringen van getuigen, bleken uiteindelijk onvoldoende of onbetrouwbaar.
Verdachte deed diverse vage en onsamenhangende uitlatingen die niet als een duidelijke bekentenis konden worden aangemerkt. Gezien zijn persoonlijkheidskenmerken en de onzekerheid rond de verklaringen, kon het hof niet met wettige bewijsmiddelen vaststellen dat verdachte schuldig was aan het ten laste gelegde. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij. Tevens werd de voorlopige hechtenis opgeheven.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs voor brandstichting bij de vuurwerkramp in Enschede.