ECLI:NL:GHARN:2003:AF9024
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Houtman
- Smeeïng-Van Hees
- Van der Kwaak
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof Arnhem wijst vorderingen huurder tegen verhuurder inzake concurrentie bloemenverkoop af
In deze zaak stond centraal of de huurder, een bloemen- en plantenverkoper in een winkelruimte binnen een winkelcentrum, kon verhinderen dat de verhuurder, Schuitema, in de eigen C1000 supermarkt bloemen en planten zou verkopen. De huurder stelde dat dit in strijd was met de huurovereenkomst en dat het haar rustig genot van het gehuurde zou schaden.
Het hof oordeelde dat de Mededingingswet van toepassing is en dat de door de huurder gestelde afspraken die concurrentie zouden beperken, nietig zijn. De huurder kon niet worden gelijkgesteld met een zelfstandige onderneming die vrij kan concurreren, omdat zij gebonden was aan vele beperkingen in de huurovereenkomst en feitelijk een economische eenheid vormde met de verhuurder.
Het hof verwierp het betoog dat Schuitema misbruik van recht maakte door concurrentie te starten en dat dit onaanvaardbaar was. Concurrentie werd als wenselijk beschouwd en het feit dat Schuitema een grote onderneming is en de huurder een kleine, maakte dit oordeel niet anders.
De vorderingen van de huurder werden afgewezen en het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd. De huurder werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de huurder af en vernietigt het vonnis van de voorzieningenrechter.