ECLI:NL:GHARN:2003:AF9031
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Houtman
- Steeg
- Quint
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kettingbeding en mededingingsrechtelijke gevolgen in huurovereenkomst fastfoodrestaurant
In deze civiele procedure staat de geldigheid van een kettingbeding in een huurovereenkomst centraal, waarbij Folio Vastgoed B.V. en [appellant] tegenover elkaar staan. Het kettingbeding beperkt Folio in het verhuren van bedrijfsruimte aan concurrerende horecazaken. Folio stelt dat dit beding nietig is op grond van artikel 6 van Pro de Mededingingswet omdat het de concurrentie beperkt. Het hof onderzoekt de relevante productmarkt (fastfoodmaaltijden) en geografische markt (plaatselijke omgeving van Winssen en Beuningen) en concludeert dat het kettingbeding geen merkbare beperking van de mededinging veroorzaakt gezien de aanwezigheid van 15 andere quick-service restaurants in de omgeving.
Daarnaast behandelt het hof het beroep van Folio op artikel 6:259 BW Pro en het verweer dat het kettingbeding onaanvaardbaar is op grond van redelijkheid en billijkheid. Deze verweren worden verworpen omdat Folio geen bijzondere omstandigheden heeft gesteld die het algemeen belang of de redelijkheid en billijkheid schenden. Het hof wijst ook op het dwingendrechtelijke karakter van de huurovereenkomst voor bedrijfsruimte, waarbij tussentijdse beëindiging slechts onder strikte voorwaarden mogelijk is.
Het hof besluit de zaak door te verwijzen naar een rolzitting voor nadere toelichting over de vraag of de huur tussentijds beëindigd kan worden, en houdt verdere beslissingen aan. Dit arrest bevestigt dat branchebeschermingsovereenkomsten niet per definitie nietig zijn en benadrukt het belang van een concrete marktanalyse en het ontbreken van merkbare mededingingsbeperking.
Uitkomst: Het hof verklaart het kettingbeding voorlopig niet nietig en verwijst de zaak door voor nadere behandeling over tussentijdse beëindiging van de huurovereenkomst.