ECLI:NL:GHARN:2003:AL1461
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Lamens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag en verzuimboete dividendbelasting wegens te late betaling
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd van €500, bestaande uit een verzuimboete op grond van artikel 67c van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, wegens te late betaling van dividendbelasting over 2002. De betaling werd op 1 juli 2002 bijgeschreven, terwijl de aangifte en opdracht tot betaling eerder waren gedaan.
Het hof oordeelde dat betaling pas plaatsvindt op het moment van bijschrijving op de rekening van de ontvanger, conform vaste jurisprudentie en het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998. De stelling van belanghebbende dat tijdig was betaald, werd verworpen. Ook het verweer dat het aandeelhoudersbesluit later was genomen, faalde omdat belanghebbende dit niet aannemelijk maakte.
Verder was sprake van een tweede verzuim, omdat eerder te laat was betaald zonder boeteoplegging, maar met kennisgeving aan belanghebbende. De naheffingsaanslag werd daarom terecht opgelegd en de boete was niet onredelijk hoog gelet op het renteverlies en omstandigheden.
Belanghebbendes klacht over het ontbreken van een hoorzitting werd afgewezen omdat hij geen verzoek daartoe had ingediend. Het hof achtte geen reden voor een kostenveroordeling en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag dividendbelasting en verzuimboete wordt ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.