ECLI:NL:GHARN:2003:AM7789
Gerechtshof Arnhem
- Voorlopige voorziening
- P.M. van Schie
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek voorlopige voorziening bij belastingaanslag en beslag onroerende zaak
Belanghebbende heeft tegen een aanslag inkomstenbelasting 1999 bezwaar gemaakt en een ongemotiveerd beroepschrift ingediend. De aanslag is gebaseerd op een FIOD-rapport dat destijds nog niet beschikbaar was voor belanghebbende. De ontvanger heeft beslag gelegd op een onroerende zaak van belanghebbende ter zekerheid van de aanslag en andere belastingen.
Belanghebbende verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, waaronder vernietiging of schorsing van de aanslag en opheffing van het beslag. Tijdens de mondelinge behandeling wijzigde belanghebbendes gemachtigde het verzoek tot opheffing van het beslag.
Het hof oordeelt dat een voorlopige voorziening alleen mogelijk is bij onverwijlde spoed. Hoewel het beslag de verkoop van de onroerende zaak kan belemmeren, is de voorzieningenrechter onbevoegd om over het beslag te oordelen, evenals het hof in de hoofdzaak. Ook voor schorsing van de aanslag is de voorzieningenrechter onbevoegd. Gezien de samenhang met andere aanslagen is nader onderzoek nodig, zodat vernietiging van het besluit wordt afgewezen.
Partijen spraken af dat belanghebbende binnen een maand een gemotiveerd beroepschrift zal indienen en de inspecteur daarop zal reageren, waarna de mondelinge behandeling nog in 2003 zal plaatsvinden. Tevens zal belanghebbende overleg voeren met de ontvanger over het beslag. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen en de voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd voor schorsing en opheffing van het beslag.