ECLI:NL:GHARN:2003:AN9146
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.E. Haas
- Rechtspraak.nl
Verrekening voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting na wijziging gezinssituatie
Belanghebbende diende een verzoek in voor voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting 2001 met toepassing van alleenstaande-ouderkorting en kinderkorting, resulterend in een teruggaaf van ƒ3.066. Later meldde zij samenwoning en huwelijk met haar partner in 2001. In haar aangifte vroeg zij geen heffingskortingen meer aan, maar haar partner wel. Het geschil betrof de verrekening van de eerder verleende voorlopige teruggaaf.
Het hof stelde vast dat belanghebbende door samenwonen en huwelijk niet meer voldeed aan de voorwaarden voor alleenstaande-ouderkorting. De kinderkorting en aanvullende kinderkorting kwamen toe aan haar partner, die een hoger verzamelinkomen had. De Inspecteur had deze kortingen terecht bij de partner toegepast en de voorlopige teruggaaf correct verrekend.
Hoewel belanghebbende tijdig wijziging van haar persoonlijke situatie had doorgegeven, leidde dit niet tot het achterwege laten van verrekening. De voorlopige aanslag is immers gebaseerd op toen geldende gegevens en moet worden verrekend met de definitieve aanslag die rekening houdt met gewijzigde omstandigheden.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees een kostenveroordeling af. De uitspraak werd mondeling gedaan en schriftelijk vastgelegd op verzoek van partijen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de verrekening van de voorlopige teruggaaf wordt ongegrond verklaard.