ECLI:NL:GHARN:2003:AO4887
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Hooft Graafland
- Van Ginkel
- Van Ginhoven
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake bijdrage levensonderhoud na echtscheiding met wijziging draagkracht man
De man is in hoger beroep gekomen tegen beschikkingen van de rechtbank inzake zijn bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de vrouw na hun echtscheiding. De rechtbank had onder meer een hogere bijdrage vastgesteld dan waarop de man had verzocht, hetgeen het hof onrechtmatig achtte.
Het hof oordeelde dat de rechtbank buiten het toepassingsgebied van artikel 824 lid 2 Rv Pro was getreden door een hogere bijdrage vast te stellen dan de beschikking waarvan wijziging werd verzocht. De man werd ontvankelijk verklaard in zijn beroep, maar het verzoek tot verlaging werd afgewezen omdat hij geen belang meer had voor de periode waarin de hogere bijdrage gold.
De vrouw werkt parttime en kan niet binnen afzienbare tijd volledig in haar levensonderhoud voorzien, mede door haar leeftijd en opleidingsniveau. De man heeft een inkomen dat het hof schatte op €30.000 per jaar, waarbij rekening werd gehouden met een daling van inkomsten door het wegvallen van de verpachting van zijn taxivergunning. De woonlasten van de voormalige echtelijke woning werden niet in mindering gebracht op zijn draagkracht.
Het hof vernietigde de eerdere beschikkingen en bepaalde dat de man vanaf 18 augustus 2003 maandelijks €612 aan de vrouw betaalt als bijdrage in haar levensonderhoud, met onmiddellijke ingang en uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De man moet vanaf 18 augustus 2003 een bijdrage van €612 per maand betalen aan de vrouw, het verzoek tot verlaging wordt afgewezen.