ECLI:NL:GHARN:2004:AO7345
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Hooft Graafland
- Mens
- Wammes
- Rechtspraak.nl
Verdeling gemeenschap van goederen na echtscheiding met discussie over aanbreng en schade-uitkering
In deze civiele zaak staat de verdeling van de gemeenschap van goederen tussen man en vrouw na hun echtscheiding centraal. Het hof bevestigt dat de uitkering terzake van materiële en immateriële schade die de man ontving, vanwege de invaliditeit en persoonlijke aard ervan, op bijzondere wijze aan hem verknocht is en daarom niet in de gemeenschap valt, ondanks dat deze tijdens het huwelijk is ontvangen.
Daarnaast beoordeelt het hof diverse grieven over de aanbreng van partijen, waaronder banksaldi en investeringen in onroerend goed. Het hof wijzigt de berekening van de pensioenuitkering die in de gemeenschap valt en past correcties toe op de vergoeding voor verlies van zelfwerkzaamheid. Ook wijst het hof bewijs toe over de betaling van belastingen en kosten verbonden aan erfenissen.
De vrouw vordert een bredere schade-uitkering in de gemeenschap, maar deze grief faalt. Het hof verwijst de zaak naar de rol voor nadere bewijslevering en laat verdere beslissing aanhouden, waarmee het proces wordt voortgezet voor een definitieve afwikkeling van de vermogensverdeling.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat bepaalde schade-uitkeringen aan de man verknocht zijn en buiten de gemeenschap vallen, wijzigt enkele berekeningen en verwijst de zaak voor nadere bewijslevering.